Het Chinese wonder is nog lang niet ten einde

Auteur: Mathijs Bouman | 06-04-2006

Het Chinese wonder is nog lang niet ten einde
Ze beloven nogal wat, die communistische machthebbers in China. Een verviervoudiging van het nationaal inkomen tussen 2000 en 2020 is volgens hen een haalbaar doel. Dat betekent een gemiddelde economische groei van zo'n acht procent per jaar. Maar kan dat eigenlijk wel? Of knalt de Chinese economie binnenkort als een te vol geblazen luchtballon uit elkaar?

Wat is de kans op een economische crisis in China? Niet zo groot als pessimisten denken, meent Nobelprijswinnaar Robert Fogel van de Universiteit van Chicago. In een deze week verschenen studie stelt hij dat China de beloofde verviervoudiging van de welvaart in 2020 makkelijk kan halen. (De studie is te koop, maar een eerdere versie is hier gratis te downloaden). Allereerst stelt de econoom dat dergelijk lange perioden van hoge groei in Azië eerder al mogelijk zijn gebleken. Japan groeide tussen 1950 en 1970 met gemiddeld 8,4 procent per jaar. Singapore deed het bijna net zo goed met een gemiddelde groei van 7,3 procent tussen 1960 en 1980. En Zuid-Korea en Taiwan lieten vergelijkbare decennia met hoge groei zien. De Chinese doelstelling voor 2020 is dus zeker niet zonder precedent.

Bovendien gaat de groei in China gepaard met explosieve toename van de arbeidsproductiviteit. Dat betekent volgens Fogel dat de economische expansie niet snel gesmoord zal worden door schaarste aan productiefactoren. Voor de groei van de arbeidsproductiviteit in de komende decennia heeft Fogel hoge verwachtingen. Deelname aan hoger onderwijs in China is momenteel nog relatief gering. Daar valt dus nog een wereld te winnen. Ten slotte heeft de econoom er ook vertrouwen in dat de Chinese leiders het gekozen pad richting een markteconomie zullen blijven volgen. De politieke crisis die pessimisten al jaren aankondigen (bijvoorbeeld omdat het platteland in opstand zou komen tegen de rijke stedelingen) is geen waarschijnlijk scenario. Uit onderzoeken blijkt dat 67 procent van de Chinese burgers meent dat het regeringsbeleid de persoonlijke leefomstandigheden heeft verbeterd. Slechts twaalf procent voelt een verslechtering. De rest merkt geen verschil. Misschien zal China het nog beter doen dan de leiders nu beloven, speculeert Fogel. Met een beetje moeite valt het jaarlijkse groeitempo van acht procent zelfs tot 2040 vol te houden! Dat zou betekenen dat de materiële welvaart in 2040 ruim achttien maal zo hoog ligt als in 2000. Overigens zou het inkomen van de gemiddelde Chinees dan nog altijd flink lager liggen dan dat van de gemiddelde Nederlander, want volgens cijfers van de Wereldbank ligt het inkomen per hoofd van de bevolking hier meer dan 23 maal zo hoog als in China. Dus zelfs als de Nederlandse economie tot 2040 niet zou groeien, blijft de voorsprong bestaan.

Wat vond u van het artikel? Stem / Waardeer:



Score 0 | 0 Waarderingen

Meer opinie