Auteur: Hans Crooijmans | 23-05-2008
Meer dan 135 dollar werd deze week voor een vat olie betaald. Een prijsexplosie, heet zoiets. Want nog geen drie maanden geleden is pas de grens van 100 dollar overschreden. En precies een jaar geleden werd voor het eerst meer dan 70 dollar per barrel betaald. Kortom, olie doet de bijnaam van ‘zwart goud' weer alle eer aan.
Hoe komt dat zo? De huidige, zeer gematigde groei van de vraag naar olie legitimeert de prijsexplosie in elk geval niet. En naar verluidt zijn er - afgezien van incidenten met pijplijnen in Nigeria - geen feiten bekend die duiden op een extra krap aanbod. Conclusie: de prijsspiraal moet voor een niet onaanzienlijk deel zijn gebaseerd op speculatie.
Ministers van Opec-landen roepen dat de olieprijs ‘volstrekt van de werkelijkheid is losgeslagen'. De Financial Times verdenkt Amerikaanse olie-analisten ervan dat ze de olieprijzen met hun self-fulfilling prophecies manipuleren. Nog voor het einde van het jaar staat er 150 dollar voor een barrel op de borden, voorspelde Goldman Sachs, de grootste Amerikaanse investeringsbank, eerder deze maand. Inmiddels is het ‘koersdoel' opgetrokken tot 200 dollar.
Tot voor kort werd de prijsstijging begroet worden met schouderophalen. Maar het tempo waarin het proces zich voltrekt, begint zo langzamerhand toch zorgen te baren. Niet iedereen is immers vergeten dat vorige perioden van exploderende olieprijzen - zoals in 1973, 1981 en 1991 - met diepe recessies gepaard zijn gegaan. Het vertrouwen in een gezonde economie werd destijds zwaar aangetast; de inflatie werd stevig opgejaagd. Rentetarieven vlogen omhoog, wereldwijd kelderden koersen van aandelen en obligaties.
Niet ten onrechte wordt gesteld dat een hoge olieprijs nu minder schadelijk is dan destijds. Westerse economieën zijn er minder gevoelig voor. Het aandeel van energiekosten in het Amerikaanse bbp lag vorig jaar op dik 2 procent, terwijl dit begin de jaren ‘70 nog 8 procent bedroeg.
Niettemin, nu de prijzen rap stijgen groeit dat aandeel uiteraard weer. Amerikaanse consumenten - de aanjagers van de economie - voelen de dure olie in hun portemonnee. Ze schaffen zich goedkopere energiezuiniger auto's aan en gaan minder rijden, komende zomer.
Aziatische landen (China voorop) merken dat ze energie-intensieve economieën hebben. En omdat hun munten veelal zijn gekoppeld aan de dollar, krijgen ze het zwaar. Het eurogebied, dat de dollar het afgelopen jaar zo'n 15 procent zag devalueren, heeft zo beschouwd minder te klagen.
Niettemin, ook in West-Europa stijgt de energierekening. Wie wil vliegen betaalt steeds hogere brandstoftoeslagen. Desondanks blijkt marktleider Air France-KLM verlies te maken. De werkelijke pijn wordt echter gevoeld in Afrika en Azië, waar dure olie direct en indirect de voedselprijzen opjaagt.
Peak oil-denkers zien in de oplopende prijsspiraal intussen een bevestiging van hun theorie. Een nog te verschijnen rapport van het Internationaal Energie Agentschap zou bewijzen dat de wereldolieproductie haar piek wel ongeveer heeft bereikt. Maar bedrijven als Shell hechten nog weinig geloof aan zo'n scenario.
Hoe dan ook, oplopende olieprijzen hebben een gunstig bij-effect: het zoeken naar en toepassen van alternatieve energiebronnen wordt eerder rendabel.
De hegemonie van de Verenigde Staten loopt onvermijdelijk ten einde. Optimisten prijzen de werklust, de hoge R&D-uitgaven en goede universiteiten van de Amerikanen. Maar de wereldmacht is verworden tot een reus met lemen voeten. Lees verder
De Russen verruilen wodka voor wijn. Bonanza voor de succesvolle wijnimporteur Dimitri Chitrov. Over de Europese Unie is hij sceptisch. "Ik begrijp het hele concept niet; bijzonder groot, enorm veel bureaucratie, ontelbare wetten en regels." Lees verder
We moeten weg van print en overschakelen op internet, horen we uitgevers al jaren verkondigen. In professionele marktsegmenten blijkt dat over het algemeen een heel zinnige strategie, zoals concerns als Reed Elsevier en Wolters Kluwer bewijzen. Wetenschappers, juristen, accountants, belastingadviseurs, maar ook makelaars en autodealers; ze hebben hun vaktijdschriften massaal ingeruild voor online-abonnementen. Lees verder
Wat moet Nederland zijn: een kenniseconomie of een lagelonenland? Ieder weldenkend mens, zal kiezen voor de eerste optie. Sinds jaar en dag is het vestigen en versterken van een op ‘hoogwaardige' productie en dienstverlening gestoelde economie een prioriteit van politiek, bedrijfsleven en vakbeweging. Lees verder
Het is nog geen enkele buitenlandse bank gelukt, maar ING is bezig om een sterke marktpositie op te bouwen in Duitsland. De bankverzekeraar bezit er al de internetbank Diba en doet nu een verwoede poging om de hypotheekverstrekker Interhyp aan de haak te slaan. Lees verder
Ze ogen fraai, de economische groeicijfers waarmee Nederland ook over het eerste kwartaal kan pronken. Ruim beter bijvoorbeeld dan het Europese gemiddelde. En bemoedigend is ook dat het de belangrijkste handelspartner, Duitsland goed gaat. Lees verder
Het aantal Nederlanders dat het aandurft om zelf te beleggen nam sinds vorig jaar met zo'n 5 procent af. En de volhouders zijn alleen maar pessimistischer geworden over hun eigen financiële situatie, de vooruitzichten van de economie en het beursklimaat. Lees verder
De sociaal-democraten in het Europees Parlement denken te weten wie er hoofdschuldig is aan de voedselcrisis die volgens de internationale organisaties inmiddels zo'n veertig landen treft. Dat zijn volgens hen banken en andere ‘casinokapitalisten' die fondsen op de markt hebben gebracht voor beleggingen in onder meer soja, rijst en graan. Lees verder
Precies 33 dollar per aandeel oftewel de lieve som van 45 miljard dollar bood Microsoft voor Yahoo. Maar Jerry Yang, mede-oprichter en huidig CEO van het zoekmachinebedrijf, achtte dat ruim 10 procent te laag. Een boude bewering. Want nadat Microsoft het bod introk, straften beleggers de koers van Yahoo genadeloos af. Lees verder
De Bank of England beweert in een gisteren verschenen rapport dat het dieptepunt van de kredietcrisis achter ons ligt. Dat is mooi - als het waar is. Maar nog mooier zou het zijn als er lessen worden getrokken uit dit peperdure drama. Lees verder
Een huishouden runnen kunnen we allemaal, van financiën tot HR. Waarom geven managers hun werknemers dan maar zo’n beperkte taak?
Er bestaat nog steeds een waterscheiding tussen overheid en bedrijfsleven als het gaat om arbeidsmobiliteit. Terwijl er juist grote behoefte is aan mensen die vertrouwd zijn met beide werelden.
Leidinggevenden en consultants putten bewust uit zinloze middelen om mensen in het gareel te houden.
De fusie- en overnamemarkt mag dan sinds het uitbreken van de financiële crisis onder druk staan, kansen zijn er zeker ook. En die komen steeds vaker uit de opkomende markten. Lees verder
Cloud computing kan de ondergang worden voor bedrijven, omdat het IT-vakgebied er nog niet klaar voor is.
De Nederlandse Corporate Governance Code verwacht van aandeelhouders in Nederlandse beursvennootschappen dat ze zich gedragen als een steward. In Engeland is daarvoor in 2010 zelfs speciaal een Stewardship Code gepubliceerd.
Overheden moeten klantgerichter werken, maar ze moeten tegelijkertijd recht doen aan procedures en wetten. Een spagaat, maar geen onmogelijke. Lees verder
Verduurzaming van vastgoed is dé manier om verhuur- en verkoopbaarheid van panden te verhogen. Het resultaat van investeringen wordt na een paar jaar zichtbaar, maar er is ook direct rendement. Lees verder
Cfo’s moeten zich bij herstructureringen ontpoppen tot partner in change van de ceo. Maar dan moeten ze wel werken aan hun blinde vlek: het ‘menselijke vlak.’ Lees verder