Bang voor private equity? Weg met aandelen

Auteur: Hans Crooijmans | 01-12-2006

Bang voor private equity? Weg met aandelen

Bestuurders en commissarissen van menig bedrijf komen voor de afweging te staan om al dan niet de strijd aan te gaan met private equity-bedrijven. Voor de zuiverheid van die afweging is het gewenst dat ze geen opties en aandelen bezitten.

Een kwart van de 75 grootste Nederlandse beursgenoteerde bedrijven vormt een interessante prooi voor private equity-bedrijven, concludeert adviesbureau Berenschot. Viel me nog mee, dat percentage. Maar het maakt tegelijk duidelijk dat de komende tijd een reeks ondernemingen te maken krijgen met die 'durfinvesteerders'. Wat dan te doen? Zich eraan overgeven (zoals bijvoorbeeld VNU en Vendex deden), de strijd aangaan (zoals Stork doet) of ze negeren (de tactiek van Ahold).

Over de doelstelling van private equity-fondsen kunnen we kort zijn. Het gaat hen er vooral om het rendement op hun investering in het bedrijf dat als doelwit is uitgekozen, op korte termijn te vergroten. Dat kan onder meer door op splitsing aan te sturen en/of het bedrijf - tijdelijk - van de beurs te halen. Die tactiek kan nuttig zijn, zeker in situaties waarin bestuurders er al lange tijd niet in slagen om een geloofwaardig beleid te voeren of gewoon te weinig rendement uit de onderneming halen. Waarbij het uiteraard arbitrair is welke criteria je voor die geloofwaardigheid en winstgevendheid aanlegt. Maar het is in elk geval onzinnig om algemene regels in te voeren die de private equitybedrijven aan banden leggen, zoals sommige kamerleden willen. Dit neemt niet weg dat private equity-bedrijven grote schade kunnen toebrengen. Bijvoorbeeld door oerdegelijk gefinancierde ondernemingen, terwille van wat zo mooi heet 'een optimale financieringsstructuur', binnen de kortste keren met grote schulden op te zadelen. Denk aan het voorbeeld Wavin. Maar zie bijvoorbeeld ook hoe VNU binnen de kortste keren door private equity-partijen met schulden is overladen. De schuld van dat bedrijf liep op van 1,6 miljard euro eind 2005 tot 6 miljard aan het einde van het derde kwartaal. Vanwege de zware rentelasten die dat meebrengt, dook het al meer dan 20 jaar winstgevende VNU voor 89 miljoen euro in de verliezen. Het moge duidelijk zijn dat er voorlopig alleen maar verkocht en bezuinigd - en dus niet geïnvesteerd - gaat worden om die schulden en rentepost te reduceren. Of VNU daar nou gezonder van wordt... Hoe dient het topmanagement van een beursgenoteerd bedrijf dus te handelen om private equity-investeerders van zich af te houden? Zelf alert blijven op mogelijkheden om het rendement te vergroten, branchevreemde activiteiten wegsnoeien en een strategie uitstippelen die op redelijk korte termijn resultaat brengt, suggereert Berenschot. Mooi en aardig allemaal. Maar zelfs als aan die criteria wordt voldaan, blijken aandeelhouders nog uiterst gevoelig voor de mooie verhalen en snelle koerswinst die hen worden voorgespiegeld. Voor de zuiverheid van de belangenafweging is het in elk geval elementair dat de top niet zelf ook bevangen raakt door de kans op groot financieel gewin. Om deze - en nog veel andere goede redenen, trouwens - zou een bedrijf zijn bestuurders en commissarissen in elk geval moeten uitsluiten van opties en aandelen

Wat vond u van het artikel? Stem / Waardeer:



Score 0 | 0 Waarderingen

Meer opinie