Staking zet Unilever onder druk

Auteur: Hans Crooijmans | 23-10-2007

Staking zet Unilever onder druk

Al bijna twee weken leggen de vakbonden regelmatig het werk stil in de zes Nederlandse fabrieken van Unilever. De acties vormen een protest tegen de voorgenomen sluiting van drie van de zes vestigingen: Delft, Loosdrecht en Vlaardingen.

Bij die inkrimping verdwijnen welgeteld 474 banen, veel meer dan het er twee maanden eerder naar uitzag toen het Unilever-concern een grote, wereldwijde reorganisatie aankondigde. FNV en CNV eisen dat de fabieken open blijven en dat Unilever volop in die fabrieken blijft investeren.

De militante sfeer wordt versterkt doordat kort voor Unilevers aankondiging van de inkrimping de cao-onderhandelingen stukliepen op de looneis en op de roep om een werkzekerheidsgarantie van drie jaar voor iedereen die momenteel bij het bedrijf in dienst is. Unilever wil daar allemaal niets van weten.


Hoe gaat dit conflict aflopen?
Om daarover iets zinnigs te zeggen is het nodig de machtspositie van elk van beide kampen te analyseren. De positie van Unilever Nederland valt vooralsnog niet te benijden. In de betrekkelijk korte tijd dat er wordt gestaakt is in Vlaardingen de productie van schoonmaakmiddel Cif zo goed als stil komen te liggen. En in veel supermarkten die voor Calve pindakaas op de fabriek in Delft zijn aangewezen, raken de schappen al aardig leeg. Tja, dat is de keerzijde van korte levertijden en minimale voorraadvorming waarnaar bedrijven uit oogpunt van efficiency streven. Zelfs in de fabrieken die gewoon intact blijven - of in het geval van Rotterdam juist kunnen uitbreiden - ligt de productie volgens een Unilever-zegsman lager dan normaal.


Vandaag, woensdag, gaan alle zes Nederlandse Unilever-fabieken plat. Het personeel wordt in Rotterdam verwacht voor een demonstratie. Zoveel staat vast: hoe langer de stakingen voortduren, des te groter de bedrijfsschade. Dat weten de vakbondsleiders natuurlijk ook. Zij leunen nu even comfortabel achterover; de volgende zet is aan het rijke Unilever overgelaten. Anders dan de voormalige eigenaren van machinefabriek De Klieverik, kan Unilever straks moeilijk naar de rechter stappen en beweren dat de bonden zijn fabrieken heeft ‘kapotgestaakt'.


Toch zou die rechter er binnenkort toch wel eens aan te pas kunnen komen. Vooraleer het zover is, dient Unilever, zoals het bedrijf nu ook van plan schijnt te zijn, op de proppen te komen met aangepaste voorstellen. Pas dan kan van de vakbonden worden gevraagd om opnieuw plaats te nemen aan de onderhandelingstafel. Zijn de bonden onwillig, dan resteert de gang naar de rechter of arbitrage.
Maar ook bij de vakbeweging kunnen ze rekenen. Als Unilever voldoende aannemelijk maakt dat sluiting van de drie fabrieken - misschien wat later dan de beoogde datum 2008 - nodig is om concurrerend te blijven, dan zullen FNV en CNV uiteindelijk hun verzet staken. Zoals het ook onzinnig is ook om een baangarantie te eisen voor productiekrachten. Elders in het concern zal er namelijk weinig behoefte aan deze categorie werknemers bestaan.
Het eind van het liedje luidt dan waarschijnlijk dat de afvloeiingsregeling royaler wordt dan normaal. En dat Unilever Nederand toegeeft aan de eis van de vakbonden voor flink hogere salarissen. Geld is de ideale smeerolie voor vastgelopen arbeidsrelaties.

Wat vond u van het artikel? Stem / Waardeer:



Score 0 | 0 Waarderingen

Meer opinie