Ontslagrecht aflevering 86

Auteur: Esther van Rijswijk | 30-08-2007

Ontslagrecht aflevering 86

Met het advies van de Stichting van de Arbeid over het ontslagrecht, zijn we beland bij aflevering 86 van het dossier. En het happy end is nog niet in zicht.

Het advies is aangevraagd door het kabinet dat er verdeeld over is: de PvdA heeft last van z'n verkiezingsbelofte van het ontslagrecht af te zullen blijven. En als de berichten in de kranten van gisteravond kloppen - het advies komt vandaag pas uit - dan zijn ook de Star-leden verdeeld.

Hoe kan het ook anders, in de Star moeten werkgevers en werknemers het eens worden over arbeidsmarktvraagstukken.


Als het om het ontslagrecht gaat, zijn we nog lang niet zo ver. En dat terwijl het zo hard nodig is. Terwijl de arbeidsmarkt in hoog tempo verkrapt - en iedereen die z'n baan verliest dus zo weer aan het werk kan - durven kleine bedrijven geen personeel aan te nemen en blijven slecht presterende werknemers op hun plek zitten. Grootste slachtoffer is de productiviteitsgroei, en daarmee de economische groei. Maar ook die hele horde contractjunks onder de werknemers zelf, die hun zelfvertrouwen niet aan hun daden en prestaties ontlenen, maar aan hun vaste contract.


De krappe arbeidsmarkt blijft, met dank aan de vergrijzing, nog wel even. Het ontslagrecht zou daaraan aangepast moeten worden. Zo moet de willekeur uit het systeem. Nu maakt het voor een werknemer nogal wat uit of hij er via het UWV uitgewerkt wordt, of via de rechter. In het eerste geval krijgt hij geen vergoeding, in het tweede wel. Het kabinet wil daar meer lijn in brengen door te stellen dat iedereen in principe een ontslagvergoeding krijgt.


Toch blijft er in het kabinetsvoorstel, terecht, ruimte voor bedrijfseconomisch gemotiveerde ontslagen. Maar dat blijft een lang traject. En ook wie van slecht personeel af wil, heeft niets aan de plannen van het kabinet, noch aan de Star variant - die nog wat probeert te doen aan de hoogte van de vergoeding. Mensen ontslaan die niet willen, blijft een ongelofelijk omslachtig proces.


De plannen die nu op tafel liggen voegen aan het hele systeem ook nog eens een scholingsverplichting toe: werkgevers die te weinig aan scholing doen, moeten meer betalen als ze van hun mensen af willen. Dat uit de weinig succesvolle ervaringen met reïntegratietrajecten van de afgelopen jaren, en uit de ene na de andere studie van onder meer het Centraal Planbureau, blijkt dat het scholen van volwassenen alleen effectief is als mensen er zelf voor kiezen - ofwel: als ze echt gemotiveerd zijn - wordt voor het gemak vergeten.


Voor kleine bedrijven wordt het zo van kwaad tot erger. Wat moet een bakker met drie man personeel met een scholingsplicht? Moet hij die jaarlijks op cursus patisserie sturen? Zo'n bakker wil werknemers die begrijpen dat als het slecht gaat, ze misschien wel wat anders moeten gaan doen. De ideale werknemer zorgt er zelf voor dat hij zijn capaciteiten op orde houdt. Misschien wel met cursussen waar zijn baas helemaal niets aan heeft , maar waarmee hij denkt in de toekomst nog wat te kunnen. Daarom moet scholing gewoon fiscaal aftrekbaar gemaakt worden. Niet alleen bij de werkgever, maar vooral bij de werknemer.


Die werknemer bij de bakker - of bij die kleine drukkerij, of dat administratiekantoor - gaat zich pas weer verantwoordelijk voelen voor zijn eigen toekomst als hij weet dat zijn contract hem niet tot aan z'n dood zal beschermen. Kortom, als hij zich realiseert dat hij z'n hele leven aan z'n huwelijk moet werken om te voorkomen dat z'n vrouw ervandoor gaat, en aan z'n kennis om te voorkomen dat hij z'n brood niet meer kan verdienen.
Helemaal geen bescherming dus? Jawel, tegen die gestoorde werkgever die zich op geen enkele manier verantwoordelijk voelt voor z'n personeel en pietje op straat zet omdat z'n kop hem niet aanstaat. Maar het huidige systeem schiet dat doel ver voorbij.

Wat vond u van het artikel? Stem / Waardeer:



Score 0 | 0 Waarderingen

Meer opinie