Lessen van de Griekse crisis

Auteur: Mark Cliffe | Beeld: Yvonne Kroese | 30-10-2015

Lessen van de Griekse crisis

De Grieken gingen op 20 september vervroegd naar de stembus. De uitkomst is bekend en leidde tot nieuwe onderhandelingen en een uiteindelijke overeenkomst tussen Griekenland en haar schuldeisers. Mark Cliffe, hoofdeconoom van ING, trekt 21 lessen uit de Griekse crisis.


 

Van de herfinancieringsovereenkomst waar Griekenland en de partners in de eurozone het op 13 juli over eens zijn geworden, is niemand echt gelukkig geworden. Grotere chaos in de vorm van een Grieks vertrek uit de euro is vermeden, dat wel. Er bestaat echter gerede twijfel of de overeenkomst een succes wordt. Welke lering kunnen we uit het Griekse verhaal trekken?


1. DE SCHULDEISERS BLIJVEN DE BAAS.
De radicaal-linkse Syriza-regering in Griekenland gokte erop dat de internationale geldschieters zich zorgen zouden maken over de schade van een eventuele Grexit. Zoveel schade, dat ze aan een nieuw reddingspakket vriendelijker voorwaarden zouden verbinden. Niets bleek minder waar. Ondanks het overweldigende ‘oxi’ (nee) in een referendum over een pakket hervormingen en verdere bezuinigingen dat op het laatste moment was belegd, heeft de Griekse regering uiteindelijk nog veel zwaardere voorwaarden moeten slikken.


2. DE POLITIEK WINT HET VAN DE ECONOMIE.
In ieder geval op de korte termijn. Er zijn momenten geweest dat de Grieken met het begrotingsplan heel dicht bij de schuldeisers zaten. Door de confronterende toonzetting was het aan beide kanten echter moeilijk om een deal aan de kiezers te verkopen.

3. ALLES DRAAIT OM VERTROUWEN.
De toon van de onderhandelingen werd venijnig. Hevige schommelingen in de onderhandelingspositie (in het bijzonder aan Griekse kant) stonden een deal in de weg. Als het erop aankomt, is vertrouwen een essentiële voorwaarde bij iedere financiële transactie. Dat de Griekse premier Alexis Tsipras de uiteindelijke overeenkomst ‘afpersing’ heeft genoemd, zal het wederzijdse wantrouwen laten voortduren.


4. VAAR NIET BLIND OP DE PROGNOSES VAN ECONOMEN.
De voorspelde vooruitzichten van Griekenland, óók die van de schuldeisers, zijn bij herhaling veel te optimistisch gebleken. De schade van de begrotingsmaatregelen voor de economische groei is ernstig onderschat. Iets meer dan een jaar geleden ging het Internationaal Monetair Fonds (IMF) nog uit van een groei van vier procent voor de Griekse economie in 2015. Zoals het er nu uitziet, krimpt die economie dit jaar met zo’n zelfde percentage.


5. ER HANGT EEN POLITIEK PRIJSKAARTJE AAN STRENGE BEZUINIGINGEN.
De steun voor Syriza is direct te herleiden tot de economische depressie in Griekenland. Daardoor is de werkloosheid opgelopen tot ruim vijfentwintig procent van de beroepsbevolking. Dat heeft geleid tot weerstand tegen verdere begrotingsdiscipline.


6. HOE ESSENTIËLER DE HERVORMINGEN, DES TE LASTIGER ZE ZIJN DOOR TE VOEREN.
Het getouwtrek van de afgelopen maanden heeft nog meer schade toegebracht aan een toch al zwakke Griekse economie. Het politieke klimaat is vergiftigd. Indringend toezicht op de uitvoering van de hervormingen door de buitenlandse schuldeisers is mogelijk nodig. Dat kan op vijandigheid stuiten.


7. DAT EEN ECONOMISCHE STRATEGIE NIET WERKT, WIL NIET ZEGGEN DAT MEN ERMEE OPHOUDT.
Strenge begrotingsmaatregelen in combinatie met uitblijvende hervormingen hebben geleid tot een toename van de Griekse staatsschuld, niet tot een daling. Er zijn verdere maatregelen afgesproken in de vorm van lagere overheidsbestedingen en hogere belastingen. Onduidelijk is echter in hoeverre het tempo van de hervormingen toeneemt.


8. ZORG VOOR EEN EXPLICIET EN GELOOFWAARDIG ‘PLAN B’.
Volgens de voormalige Griekse minister van Financiën Yanis Varoufakis lag er een geheim ‘plan B’. Voor het geval dat Griekenland geen externe financiering kon krijgen lag er een plan voor een tijdelijke munt die gekoppeld was aan de euro. Dat de banken werden gesloten en de economie het zwaar had, betekende voor de schuldeisers echter dat Griekenland met hun voorwaarden moest instemmen of economisch totaal ineen zou storten. Een belangrijke les voor populistische partijen elders in de eurozone voordat ze de uitgang uit de euro opzoeken.


9. SPELTHEORIE IS IN DE PRAKTIJK WEERBARSTIG.
Speltheoriedeskundige Varoufakis heeft verloren. De eurozone is niet alleen een spel waaraan meerdere spelers deelnemen, allemaal met een eigen motivatie. Het is ook een spel dat meerdere perioden bestrijkt, niet een dat maar één keer wordt gespeeld. Andere spelers weten nog heel goed hoe jij je vorige keer hebt gedragen; daar doen ze wat mee.


10. ER ZIJN DIEPGEWORTELDE VERSCHILLEN BINNEN DE EUROZONE.
Niet alleen over de politiek maar ook over de economie. In de discussie over Griekenland werden de oude scheidslijnen weer duidelijk. Aan de ene kant staat een harde kern rond Duitsland, die de nadruk legt op regels, discipline en bezuinigingen. Het kamp onder leiding van Frankrijk en Italië is daarentegen pleitbezorger van solidariteit en groei.


11. EEN BEGROTINGSUNIE IS VER WEG.
Er is maar weinig bereidheid in de eurozone om samen de economische lasten te dragen. Het oorspronkelijke idee van een Europese monetaire unie met een stelsel van begrotingsoverdrachten van de rijkere naar de armere lidstaten lijkt verder weg dan ooit.


12. DE EUROZONE BLIJFT OOK BIJ TOEKOMSTIGE SCHULDPROBLEMEN RICHTING DEFLATIE OVERHELLEN.
Geldnemers hebben zich te houden aan bezuinigingen op de begroting. Ze kunnen niet verwachten dat schuldeisers daar stimulerende begrotingsmaatregelen tegenover zetten.


13. RUIMHARTIGE WELVAARTSTELSELS ZULLEN OP DE TOCHT BLIJVEN STAAN.
In de publieke bestedingen in Griekenland wordt fors gesneden (in het bijzonder in de pensioenen). Dat geeft aan heel Europa een boodschap af. Voor jongeren is de financiële toekomst minder zeker dan voor hun ouders.


14. DE EURO IS NIET MEER ONOMKEERBAAR.
Wolfgang Schäuble, de Duitse minister van Financiën, heeft openlijk gepleit voor een time-out voor Griekenland. Daarin voorziet het Verdrag van Maastricht trouwens niet. Hiermee is de deur wagenwijd opengezet naar speculatie over een eventueel vertrek van lidstaten. Van dit precedent zou de eurozone in de toekomst nog wel eens flink last kunnen krijgen.


15. ZONDER ECONOMISCHE GROEI WORDT HET VOOR GRIEKENLAND LASTIG OM DE SCHULDEN AF TE LOSSEN.
Er liggen plannen voor investeringsprogramma’s met steun van de EU. Die zijn echter relatief klein en komen waarschijnlijk pas af als Griekenland ernst maakt met de bezuinigings- en hervormingsmaatregelen.


16. UITSTEL MAAKT HET PROBLEEM ALLEEN MAAR GROTER.
De schuldeisers uit de eurozone staan nog altijd niet te trappelen om de Griekse staatsschuld af te schrijven, terwijl het IMF daar voorstander van is. De politici beroepen zich op de regels, maar die tegenstand wordt eerder ingegeven door de angst dat de eigen kiezers in opstand komen als er op leningen aan Griekenland verlies wordt genomen. De strategie van een lagere rente en een langere aflossingstermijn is minder vervelend dan de schuld voor een deel afschrijven, maar de ellende wordt er waarschijnlijk alleen maar door verlengd.


17. DE RENTE BLIJFT LAAG.
Het monetaire beleid fungeert als steun voor de economische groei. Om de lange rente laag te houden zal de Europese Centrale Bank het opkoopprogramma voor obligatieleningen (kwantitatieve verruiming) moeten voortzetten.


18. DE EURO BLIJFT ZWAK.
De ECB zit vast aan het laag houden van de rente. De VS en het VK maken zich echter op voor renteverhogingen in de komende maanden. De euro kan daardoor alleen nog maar verder omlaaggaan.


19. DE REST VAN DE WERELD ZAL HET MOETEN DOEN MET EEN ZWAKKE VRAAG VANUIT DE EUROZONE.
De recente onderbreking in Griekenland is misschien maar tijdelijk van invloed op het herstel in de rest van Europa. Toch blijft de economische groei waarschijnlijk magertjes. De zwakke euro maakt het ook lastig voor bedrijven die naar de eurozone exporteren.


20. EXPORT BLIJFT EEN LICHTPUNTJE VOOR HET BEDRIJFSLEVEN IN DE EUROZONE.
Producenten in de eurozone profiteren van de dalende euro. Daardoor zijn de prijzen op de wereldmarkt concurrerender geworden. De relatieve veerkracht van de VS en het VK helpt ook.


21. NEEM ’S NACHTS GEEN BELANGRIJKE FINANCIËLE BESLISSINGEN.
Alleen al de aanblik van uitgeputte politici die na zestien uur onderhandelen om 7.00 uur ’s ochtends een deal aankondigen, is een waarschuwing op zich...

Deze analyse is gepubliceerd in Management Scope 08 2015.
Tekst: Mark Cliffe - Hoofdeconoom bij ING.

Wat vond u van het artikel? Stem / Waardeer:



Score 0 | 0 Waarderingen

White collars working blue

Van knelpunt in uw operationeel proces naar meetbaar en blijvend resultaat? Kijk hoe First Consulting dit samen met uw medewerkers aanpakt. >> Bekijk filmpje

Meer opinie