‘De menswaardige economie is een samenwerkingsvraagstuk’

‘De menswaardige economie is een samenwerkingsvraagstuk’
Bert Beun heeft als bestuursvoorzitter van de Goldschmeding Foundation grote schoenen te vullen. Aan hem de taak om de legacy van oprichter Frits Goldschmeding ‘te leven’. Dat wil hij doen door in het hele land programma’s aan te bieden en projecten mede mogelijk te maken rondom drie grote thema’s: toekomstbestendig werk, inclusieve arbeidsmarkt en menswaardige economie. ‘We werken vanuit een verandertheorie: welke stappen zijn er nog nodig voor een menswaardige economie en welke rol ligt hier voor bestuurders en toezichthouders?’

‘De legacy van Frits’ is waar het om draait voor de mensen die samen de Goldschmeding Foundation runnen. Ook voor bestuursvoorzitter Bert Beun. ‘Het is een hele verantwoordelijkheid om goed om te gaan met wat Frits voor ogen had, bijvoorbeeld op het gebied van een menswaardige economie’, zegt hij. En die ‘Frits’ is dan natuurlijk de even legendarische als idealistische ondernemer Frits Goldschmeding: oprichter van de Randstad Groep, ‘uitvinder’ van de flexibele arbeidsmarkt in Nederland, stichter van de Goldschmeding Foundation, waarmee hij zich in wilde zetten voor projecten die in lijn liggen met zijn strikt uitgedachte visie op mens, werk en economie.

Hoewel Goldschmeding zelf overleed in 2024, op de gezegende leeftijd van 90 jaar, waart zijn spreekwoordelijke geest – uiteraard – nog rond op de burelen van ‘zijn’ foundation. En niet alleen zijn geest: wie het kantoor van de Goldschmeding Foundation in Diemen-Zuid binnenkomt, kan niet om zijn portret naast de ingang heen. ‘Zodat we iedere keer als we hier binnenkomen er even aan herinnerd worden vanuit wiens legacy we dit doen’, zegt Beun. Hij is sinds april 2023 bestuursvoorzitter van de Goldschmeding Foundation, die met donaties, kennis en netwerk projecten mede mogelijk maakt die bijdragen aan blijvende verandering in de manier van werken en samenwerken. Beun heeft ‘Frits’ nog net even meegemaakt – in zijn nadagen, dat wel. Maar genoeg om onder de indruk te raken. ‘Hij was tot op het laatst zeer scherp van geest. Heel oplettend. Hij wilde graag weten waar iedereen mee bezig was. Het was niet zo dat hij zich overal mee bemoeide, maar hij luisterde naar iedereen en was altijd bereid zijn visie te geven. Heel bijzonder om mee te maken. Een uiterst bevlogen man.’  

De Goldschmeding Foundation, aanvankelijk gevestigd op de Zuidas in Amsterdam, is sinds de zomer van 2025 gevestigd in Diemen, ‘in de moederschoot van Randstad’, al willen ze de link met de buren en de ‘huisbaas’ niet meteen van de daken schreeuwen. ‘We staan los van Randstad, zijn onafhankelijk’, benadrukt Beun. ‘Maar we zijn trots op onze stamboom. Toen we door omstandigheden weg moesten van de Zuidas en er hier in het hoofdkantoor van Randstad Nederland plek vrij bleek, dacht ik: we moeten ook niet flauw doen. We zouden wel gek zijn. Randstad is onderdeel van ons verhaal, en is onderdeel van het verhaal van Frits Goldschmeding. En dat verhaal willen we maar wat graag vertellen. Bovendien zijn we dan ook meteen van alle vragen af over wat deze Foundation op de Zuidas te zoeken had.’

Het moet gek zijn geweest dat jullie grote roerganger overleed…

‘Dat was het zeker. We voelden meteen met z’n allen een grote, zware verantwoordelijkheid. Daar hebben we ook heel veel over gesproken. Niet om elkaar proberen te vertellen wat de legacy van Frits was. Maar vooral om de legacy ook echt te zijn. Kijk, ik werk niet voor “Bert Beun NV”, ik werk onder de naam Goldschmeding. Het is een verantwoordelijkheid die ik dagelijks voel, ook naar de mensen die Frits’ achternaam nog dragen. Alleen al naar hen ben je verplicht het goede te doen. De naam Goldschmeding opent deuren, heb ik al gemerkt. Als ik als Bert Beun met burgemeester Jan van Zanen contact probeer te krijgen, moet ik wellicht achteraan aansluiten, maar als ik namens de Goldschmeding Foundation bel, kan ik binnen drie dagen langskomen.’

Wat heb je persoonlijk van Frits geleerd?
‘In mijn eerste maanden hier heb ik gemerkt hoe krachtig de kernwaarden zijn waar we iedere dag mee werken. Frits was altijd bezig met “de volgende stap”. Dus niet oordelen over waar we op dit moment staan, maar je vooral de vraag stellen: waar willen we heen en welke stappen zijn daarvoor nodig? Je kunt heel makkelijk overal de pijnpunten aanwijzen, de dingen die allemaal niet deugen, de dingen die misgaan. Daar kun je hartstikke druk mee zijn en heel chagrijnig van worden. Maar ik heb mede uit Frits’ kernwaarden gehaald om dat om te draaien: kijk eens waar we al staan en kijk eens waar we heen kunnen. Vanuit een positieve grondhouding. En vanuit gemeenschappelijke waarden en uitgangspunten. Verder heb ik mede via hem geleerd wat filantropie is. Filantropie betekent niet dat je je geld weggeeft. Het betekent dat je je geld investeert. En dat je er iets in ruil voor terugkrijgt. Waarde. Een betere maatschappij. Je investeert om impact te maken. Het moet iets opleveren.’ Je bent sinds 2023 bestuursvoorzitter van de Goldschmeding Foundation.

Hiervoor had je een lange carrière in onder meer de bouw en het onderwijs. Is er een overeenkomst?

‘Ik had inderdaad geen ervaring in de wereld van filantropie. Maar ik zie wel een rode draad in mijn loopbaan. Die zit ’m in “bouwen”, “mensen” en “maatschappij”. Overal waar ik heb gewerkt, heb ik me ervoor ingespannen dat iedereen kan meedoen. En als mensen eenmaal meedoen, dat ze dan kunnen excelleren en accelereren. Eigenlijk probeer ik dat ook bij deze organisatie te doen. We zijn bezig met mens, maatschappij, met bouwen en met accelereren. Samen leren, samen groeien.’

De Goldschmeding Foundation is een van de kennispartners van Management Scope, onder meer op het thema ‘menswaardige economie’. Menswaardige economie, wat versta je daar onder?

‘Een menswaardige economie is precies dat waar Frits Goldschmeding zich sterk voor maakte. Het is een begrip dat ook wel gevangen wordt onder de naam brede welvaart. Simpel gezegd gaat het daarbij om de blik op de lange termijn en het rekening houden met alle stakeholders. Dus niet alleen: wat is vandaag goed voor mijn bedrijf of voor mijn aandeelhouders? Maar ook: wat is goed voor de wereld, wat is goed voor de toekomstige generaties – ofwel, zoals Frits dat noemde, simultane belangenbehartiging. Het gaat erom dat we toewerken naar een inclusieve, toekomstbestendige, menswaardige samenleving.’

Leeft dat volgens jou erg in de Nederlandse boardrooms?
‘Het ligt eraan of je dit thema láát leven als bestuurder of toezichthouder. Dat is namelijk een keuze. Ikzelf zit bijvoorbeeld in de raad van toezicht van het ROC van Amsterdam-Flevoland. Landelijk hebben we te maken met een krimpend aantal mbo-studenten. Is mijn inzet dat ROC Amsterdam-Flevoland ten koste van collega-mbo's groeit? Of is mijn inzet dat we zorgen voor een goede instroom aan talenten op de arbeidsmarkt in Nederland met een goede spreiding van het opleidingsaanbod over Nederland en over de mbo’s? Dat gesprek zul je met elkaar – met bestuur en toezichthouders – moeten voeren. En natuurlijk heeft een onderneming een andere verantwoordelijkheid dan een onderwijsinstelling, maar ook daar begint het met een gesprek over dergelijke dilemma’s. Waarom doe je iets wel en waarom doe je iets niet? Wie heeft er baat bij mijn beslissing en wie schaad ik ermee?
Ik denk dat dat gesprek overigens wel degelijk in toenemende mate wordt gevoerd. Maar ik merk ook dat bestuurders en toezichthouders zich nog weleens handelingsverlegen voelen. Daar kunnen wij hen bij de Goldschmeding Foundation met onze projectpartners bij helpen.’

Hoe doen jullie dat?

‘Door in samenwerking met onze partners programma’s aan te bieden die bestuurders en toezichthouders daarbij ondersteunen. Vooral hen willen we in die programma's aanspreken. De toon aan de top bepaalt immers voor een belangrijk deel hoe de organisatie handelt. We hebben programma’s lopen op drie grote thema’s, op het gebied van toekomstbestendig werk, inclusieve arbeidsmarkt en menswaardige economie. Op al die terreinen proberen we – naast het uitvoeren van projecten – netwerken te bouwen, kennis te vergaren en kennis te delen.
Onze projecten bevinden zich meestal op het snijvlak van praktijk en wetenschap. We ondersteunen wetenschappelijk onderzoek, hebben zelf bijvoorbeeld een bijzondere leerstoel ingesteld rondom ethiek en leiderschap en menswaardige economie aan de Universiteit voor Humanistiek en we werken samen met Nyenrode University. Naast die community of science bouwen we ook altijd een community of practice – een netwerk van inmiddels ruim 100 mensen uit rvb’s, rvc’s en rvt’s. Met onze projecten en onze proven concepts willen we beweging creëren. We proberen in zo’n programma vanuit een verandertheorie te werken, dus samen te formuleren wat je op het gebied van menswaardige economie op lange termijn wil bereiken en vervolgens te formuleren welke stappen nodig zijn om dat te realiseren.
De menswaardige economie is immers een samenwerkingsvraagstuk.’

Wat voor projecten levert dat op?

‘We ondersteunen door bestuurders en toezichthouders programma’s aan te bieden, vaak in samenwerking met onze projectpartners, zoals Verdiepte Governance (voorheen: Ongemak in de Boardroom). De handreikingen uit deze programma’s zijn bedoeld om bestuurders bij maatschappelijke vraagstukken te helpen een betere balans te vinden tussen hun eigen idealen en zakelijke belangen.’ (Zie ook Managent Scope #08 2025: Heikele thema’s blijven nog te vaak onbesproken)

En overal staat dan het stempel ‘Goldschmeding Foundation’ op?

‘Integendeel. Daar is het ons niet om te doen. In onze begintijd hadden we nog de Frits Goldschmeding Leerstoel, maar met die branding zijn we gestopt. Het gaat ons er niet om de naam Goldschmeding overal op te plakken. Dat zou Frits ook helemaal niet gewild hebben. We willen veel bescheidener zijn. Het gaat ons om de inhoud, het gaat om het gedachtegoed, om de ideeën. Je ziet dat die ideeën langzaam uitwaaieren. Als iets landt, is het goed. Als we ons overbodig kunnen maken, is het prima. We moeten oppassen dat ons werk niet geïnstitutionaliseerd wordt. Het gaat niet om onze eigen organisatie groter maken, het gaat om de impact: we willen beweging creëren en versnellen.’

Wat hoop je komende jaren te bereiken met de Goldschmeding Foundation?
‘Ik hoop dat deze organisatie nog meer en nog beter herkend en erkend wordt door haar kennis, haar netwerk en haar kracht te helpen versnellen middels donaties. We moeten er met z’n allen voor zorgen dat het werk dat we doen goed landt. Dat we ons nog beter positioneren. Dat we ons kennisnetwerk nog beter neerzetten en uitbreiden. Dat we het gedachtegoed van Frits verspreiden en werken aan een menswaardige economie. Dat zie ik als een voorname taak.
Mijn ambitie is ook om met de Goldschmeding Foundation een meer landelijke dekking en bekendheid te krijgen. In de eerste jaren waren de meeste projecten vooral op de Randstad gericht – helemaal niet onlogisch. Maar we zijn wel aan het verbreden. Er zijn in Limburg of in Drenthe net zo goed initiatieven waar wij bij kunnen helpen en die ons weer kunnen helpen onze doelen te verwezenlijken. We hebben daarom bijvoorbeeld een adviesraad ingericht waarin elke provincie vertegenwoordigd is met zo’n vijf mensen. Het zijn mensen uit het bedrijfsleven, onderwijs, wetenschap en het maatschappelijke middenveld. Op die manier hebben we een landelijk dekkend netwerk van mensen met voelsprieten in de hele maatschappij. Daarmee vergroten we ons netwerk en onze slagkracht. Het heeft bijvoorbeeld opgeleverd dat wij nu meekijken in het project Nij Begun in Groningen en Drenthe, dat zich richt op een leefbare en sociale toekomst van het gebied ná de gaswinning. Bovendien hebben we op vrijwel alle hogescholen in de provincies nu projecten lopen op het gebied van menswaardige economie. En we hebben convenanten gesloten over dit onderwerp – bijvoorbeeld met VNO-NCW en met MKB-Nederland.’

Wat staat verder hoog op je to-do-lijstje?
‘Ik geloof heel erg in samenwerking, ook in de wereld van de filantropie. Ik stond ervan te kijken dat onze branchevereniging, Fondsen in Nederland (FIN), 370 leden heeft. Daar was ik me niet van bewust. Ik vind dat die 370 leden veel meer en veel beter samen kunnen werken. Ik wil me daar hard voor maken. Als we zouden samenwerken, zouden we de impact nog verder kunnen vergroten. We zouden alles net één level hoger kunnen tillen. Met name met Instituut Gak en met de Start Foundation voeren we daar ook gesprekken over, deels al met mooie resultaten. Ik denk dat daar ook mijn kracht ligt: de samenwerking zoeken. Vanuit de aannemerij ben ik dat gewend. Om kans te maken bij aanbestedingen moet je soms bouwcombinaties vormen, ook met de concurrent/collega. Sterker nog: je zult je beste projectleider moeten leveren, je zult kennis moeten delen. Voor mij is dat een soort tweede natuur.’

De grote vraag blijft natuurlijk: wat zou Frits er allemaal van vinden?
‘Ik denk dat we zijn gedachtegoed inmiddels zijn. Of hij zich in ons werk zou herkennen? Dat kunnen we hem helaas niet vragen, maar ik ben er eigenlijk van overtuigd dat dat zo is. Gelukkig heeft hij de meeste jaren van de Foundation nog meegemaakt. Hij heeft gezien welke kant het zich op ontwikkelde, hoe met gevoel voor ondernemerschap wordt gebouwd. Die lijn hebben we voortgezet en ik denk dat dat goed lukt. Daarin zijn we overigens bevestigd toen we tijdens ons 10-jarig jubileum, vorig jaar, een telefoontje kregen van de weduwe van Frits, Petra Goldschmeding. Zij vond het belangrijk om ons op die dag persoonlijk te feliciteren met het jubileum en ons te bedanken voor wat we hadden bereikt. Dat telefoontje deed me wel wat. Ze zou niet gebeld hebben als ze daar niet achter stond.’ 

Reageren? Mail ons op redactie@scopebusinessmedia.nl

Dit interview is gepubliceerd in Management Scope 03 2026.

Dit artikel is voor het laatst aangepast op 10-03-2026

facebook

ManagementScope.nl gebruikt cookies

Voorkeuren

Basis

Basis cookies:
Scope Business Media anonimiseert de data van personen die op de site terechtkomen. Hierdoor heeft managementscope.nl nauwelijks persoonlijke data van onze websitebezoekers in beheer en mogen wij selecte datapunten verzamelen die geenszins aan u als persoon te koppelen vallen. Onder noodzakelijke cookies vallen alle datapunten die Scope Business Media gerechtigd is om te plaatsen zonder expliciete toestemming van de bezoeker. Dit betreft enkel volledig geanonimiseerde data die noodzakelijk is voor het functioneren van de site.

Compleet (aanbevolen)

Overige cookies, bij het kiezen voor ‘compleet’:
Onder de noemer ‘Overige cookies’ vallen cookies waarvoor wij expliciet toestemming van u nodig hebben. Hieronder vallen bijvoorbeeld onze marketing cookies die wij tevens volledig anonimiseren. Deze cookies zijn echter wel essentieel voor Scope Business Media, om ervoor te zorgen dat managementscope.nl kan blijven voortbestaan als site.

Cookie- en privacyverklaring