Directeur NEO NL: 'Kerncentrales zijn langetermijnprojecten'

Directeur NEO NL: 'Kerncentrales zijn langetermijnprojecten'
Sinds 1 mei 2026 leidt Jan Willem van Hoogstraten Nucleaire Energie Organisatie Nederland (NEO NL), het staatsbedrijf dat twee nieuwe grootschalige kerncentrales moet voorbereiden, bouwen en exploiteren. De oplevering zelf zal hij niet meemaken tijdens zijn ambtsperiode. Dat deert hem niet. ‘Mijn kracht ligt in deze opbouwfase: het creëren van fundamenten, het verwerven van de licenties en het selecteren van de leveranciers.’

Nederland is voor zo’n 80 procent van zijn energievoorziening afhankelijk van het buitenland. Tijdens de energiecrisis van 2022, aangejaagd door de oorlog in Oekraine, werd pijnlijk duidelijk hoe kwetsbaar Nederland hierdoor is: stijgende prijzen, onzekerheid over leveringen en een directe blootstelling aan geopolitieke spanningen. ‘De vanzelfsprekendheid dat internationale energiemarkten altijd goed zouden werken, verdween’, zegt Jan Willem van Hoogstraten tegen Aylin Bilic, partner bij De Vroedt & Thierry. ‘Terwijl energie een eerste levensbehoefte is, net als voedsel, wonen, veiligheid en drinkwater. Zonder energie staat de samenleving stil.’ En het ziet ernaar uit dat de kans dat de samenleving wel eens tot stilstand zou kunnen komen alleen maar toeneemt. Europa komt nu al steeds meer in de verdrukking door de grote ambities van China en Amerika. ‘Zoals voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen al zei, is energiesoevereiniteit – het vermogen om de eigen voorziening te beheersen en niet langer te leunen op import – een strategische noodzaak voor Europa geworden’, aldus Van Hoogstraten.
Door het kabinet-Rutte IV en energieminister Rob Jetten werd de koers naar Nederlandse energiesoevereiniteit al uitgezet. Het streven is een duurzaam, betrouwbaar en betaalbaar energiesysteem. Zon en wind spelen daarin een grote rol, maar ze leveren niet altijd op het moment dat de vraag hoog is. Alleen al daarom is er ook kernenergie nodig in de energiemix; er moeten zeker twee grote kerncentrales komen. Om dat mogelijk te maken is NEO NL opgericht, een 100 procent staatsdeelneming die afgelopen 16 februari formeel het licht zag. Aan het hoofd staat Jan Willem van Hoogstraten, voormalig ceo van Energie Beheer Nederland, met ruim 35 jaar ervaring in de internationale energiesector. Bij EBN zette hij in op het verminderen van de afhankelijkheid van gas via geothermie en duurzame warmtenetten, en legde zo een basis voor zijn huidige rol. 

Voor de lezers die de details nog niet kennen: wat is precies de opdracht van NEO NL? En waarom is gekozen voor een bedrijf dat volledig in handen van de staat is?
‘De kernopdracht is helder: wij dragen de regie over de voorbereiding, de bouw en de exploitatie van de eerste twee nieuwe grootschalige kerncentrales in Nederland. Daarmee bouwen we iets dat misschien wel een eeuw mee moet. Kijk naar de centrale in Borssele: die draait al zo’n 60 jaar en er wordt gekeken naar verdere levensduurverlenging, misschien wel tot 80 jaar. De bouw van zo’n centrale voor meerdere generaties is van een heel andere orde dan een regulier bedrijfsproject.
De markt kan dat simpelweg niet aan, omdat de risicoprofielen en de doorlooptijden van 15 tot 20 jaar niet passen bij de rendementslogica van private investeerders. Dit overspant meerdere kabinetsperiodes, meerdere vergunningstrajecten, politieke onzekerheden die je niet kunt kwantificeren. Door als staat 100 procent eigenaar te zijn, geef je een krachtig signaal van commitment; je laat zien dat je je publieke verantwoordelijkheid neemt. Bovendien kan de overheid goedkoper lenen, wat de uiteindelijke energieprijs gunstig beïnvloedt.’

De staat speelt meerdere rollen tegelijk: aandeelhouder, financier én beleidsmaker. Hoe waarborg je dat die rollen gescheiden blijven?
‘Dat is inderdaad cruciaal. De scheiding van de beleidsrol en de aandeelhoudersrol is bewust belegd op het hoogste ambtelijke niveau binnen het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. NEO NL opereert als onafhankelijke bv. Er is een strikte scheiding tussen de directie die over het nucleaire beleid gaat en de kolom die ons als aandeelhouder adviseert. Die checks en balances zijn geen bureaucratie omwille van bureaucratie, ze zijn de voorwaarde voor publiek vertrouwen. Zeker in Nederland, na alles wat er met de gaswinning in Groningen is misgegaan, moeten we op dit punt extreem scherp zijn.’

NEO NL is een nieuwe organisatie in een sector die in Nederland al bestaat. Hoe verhoud je je tot partijen als EPZ in Borssele, Pallas en Urenco?
‘Wij zijn de nieuwelingen, maar de nucleaire sector in Nederland beschikt al over kennis en ervaring die wij hard nodig hebben. EPZ beheert de centrale in Borssele en doet dat al decennialang op een hoog veiligheidsniveau. Pallas werkt aan een nieuwe onderzoeksreactor en Urenco is een wereldspeler in de verrijking van splijtstof. Wat ik wil bereiken, is dat wij als sector samen een belofte kunnen maken aan de samenleving – en die ook waarmaken. Dat vraagt verbinding: niet ieder voor zich, maar gezamenlijk optrekken, kennis delen en laten zien dat de nucleaire sector in Nederland verantwoord opereert.’

Je noemt Groningen. Wat heeft die parlementaire enquête je persoonlijk geleerd?
‘Er is een vijftigtal aanbevelingen uitgerold, en een aantal daarvan is direct relevant voor de ontwikkeling van nieuwe kerncentrales. Maar de kern is eenvoudig: mensen moeten de voordelen van een groot energieproject ook werkelijk voelen. De lasten en lusten moeten eerlijker worden verdeeld. Je kunt niet volstaan met een nieuw clubhuis of een zwembad als compensatie voor geleden schade. Maar de grootste les is dat de afstand tussen de politici en ambtenaren in Den Haag en de inwoners van Groningen te groot was. Wij nemen alle aanbevelingen mee.’

Waar staat NEO NL concreet in het traject?
‘We bouwen eerst de organisatie zelf op – en dat gaat hard. We zitten nu op zo’n 110 mensen en we groeien elke maand. Tegelijkertijd voeren we gesprekken met mogelijke leveranciers: Westinghouse en EDF, beide op basis van westerse bewezen technologie. We werken daarin samen met een technische supportorganisatie, een consortium van vier ingenieursbureaus, om onze eigen technische capaciteiten te ontwikkelen. Daarna volgt een ontwerpfase, de keuze van een locatie, en uiteindelijk de selectie van een leverancier op basis van een basis-of-design. Dan begint het detailontwerp, de businesscase, en een reeks van tientallen vergunningstrajecten – van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en Stralingsbescherming (ANVS) voor de nucleaire licentie tot de provincie voor de omgevingsvergunning, van het Rijk tot de waterschappen.
Een reactor heeft een levertijd van tien jaar. Je moet dus nu al nadenken over wanneer je bestelt. En ik wil ook helder zijn over de belofte die wij moeten nakomen: veilig, zorgvuldig, binnen budget en zo veel mogelijk op tijd. Dat zijn de maatstaven waarop NEO NL beoordeeld zal worden. De samenleving investeert hier belastinggeld in. Die verwachting is volkomen terecht. Ik verwacht niet dat ik tijdens mijn ambtsperiode meemaak dat de eerste spade in de grond wordt gestoken; ik kan voor maximaal twee termijnen van vier jaar worden benoemd. Maar mijn kracht ligt in deze opbouwfase: het creëren van fundamenten, het verwerven van de licenties, het selecteren van de leveranciers. Iemand anders kan het voorbereidende werk dan voortzetten.

In het debat worden vaak landen als Frankrijk, dat sterk leunt op kernenergie, en Duitsland, dat een moeizamer pad bewandelt, aangehaald. Waar op dit spectrum plaats je de Nederlandse ambitie? En wat kunnen we leren van de best practices en fouten in onze buurlanden?
‘Onze eerste blik gaat naar België, een land met een serieuze nucleaire sector. De grens is dichtbij en activiteiten aan de ene kant hebben impact aan de andere kant. Het is logisch om samen op te trekken. Nederland heeft onlangs een memorandum of understanding getekend met de Belgen, tijdens de Belgisch-Nederlandse Kernenergieconferentie.
Maar de vergelijking met Frankrijk is ook leerzaam. Frankrijk heeft een systeem dat grotendeels op kernenergie leunt en had in 2022 aanzienlijk minder last van de prijsschokken dan wij of de Duitsers. Dat is een les. Tegelijkertijd kopiëren we het Franse model niet een op een. Nederland heeft zijn eigen energiemix, met de Noordzee als hub voor offshore wind, met geothermische mogelijkheden. Kernenergie is daarin geen doel op zich. Het is een noodzakelijke pijler naast zon, wind en duurzame warmte.’

Er is politiek groeiende interesse voor small modular reactors, de SMR’s. Waarom kiest NEO NL toch voor de grote centrales?
‘SMR’s zijn veelbelovend. Op termijn kunnen SMR’s wellicht een rol spelen om de toenemende vraag naar elektriciteit tegemoet te komen. Zeker omdat ze dichter bij de bebouwde kom kunnen staan dan grote centrales, wat ze geschikt maakt om stadsverwarming te combineren met elektriciteitsopwekking. Maar de technologie is op dit moment nog niet volwassen genoeg om het speerpunt in het kernenergiebeleid te vormen. SMR’s moeten nog door de licentiefase. Er zijn landen mee bezig – het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen, Amerika, China – maar een bewezen, goedgekeurde, commercieel beschikbare SMR bestaat nog niet. Onze opdracht is niet voor niets de realisatie van twee grote centrales met bewezen technologie binnen de gestelde kaders: dat is wat Nederland nu nodig heeft. De organisatie houdt de ogen open voor nieuwe ontwikkelingen, maar we gaan nu niet experimenteren met de leveringszekerheid.’

Het maatschappelijke debat is in Nederland vaak diep gepolariseerd. Het debat over kernenergie in de komende jaren zal daar wellicht geen uitzondering op vormen. Hoe voorkom je dat NEO NL verstrikt raakt in zo’n debat?
‘Wij willen een geïnformeerde dialoog voeren, op basis van feiten en cijfers. Dat betekent ook eerlijk zijn over de nadelen. Kernafval is een echt probleem. Het is nog niet definitief opgelost. Dat kun je niet wegwuiven. Uiteindelijk denk ik dat de burgers het in hun portemonnee zullen voelen als het energiesysteem stabieler wordt en de rekening lager. Dat is wat de samenleving wil zien.’

Statistisch is kernenergie een van de veiligste energiebronnen, maar de emotionele associatie met Tsjernobyl en Fukushima blijft. Hoe ga je daarmee om?
‘Die associatie begrijp ik. Ook al blijkt dat het aantal ongelukken per geproduceerd kilowattuur bij kernenergie lager is dan bij welke andere energiebron ook, inclusief wind. Het bijzondere van kernenergie is niet de frequentie van incidenten, maar de potentiële omvang. De kans is extreem klein, maar als het misgaat, zijn de gevolgen groot. Dat maakt het anders dan andere grootschalige energieprojecten.
Tsjernobyl en Fukushima leren ons vooral dat we niet alleen bedacht moeten zijn op technische fouten. De cultuur is ook belangrijk, veel belangrijker zelfs. In beide gevallen waren de zwakke plekken in het systeem bekend – maar niemand durfde te zeggen dat het niet veilig was. Psychologische veiligheid, ongeacht rang of positie, is bij kernenergie geen zachte waarde. Het is een operationele noodzaak. Die cultuur bouwen we nu, terwijl de organisatie nog klein is. Dat is het moment waarop je het kunt verankeren.
Overigens is energiezekerheid net zo belangrijk als veiligheid. Als je geen betrouwbare energievoorziening hebt, bedreig je de samenleving op een andere manier. Die twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Veiligheid zonder leveringszekerheid is geen veiligheid.’

Er is een nijpend tekort aan technisch personeel. Je concurreert met TenneT, ProRail en tientallen andere bedrijven om dezelfde mensen.
‘Dat klopt, en het is een serieus vraagstuk. Maar het voordeel van een langetermijnproject is dat je ook een langetermijnstrategie voor mensen kunt voeren. We zijn nu al actief op mbo’s, hbo’s en universiteiten – we investeren bewust in het enthousiasmeren van jonge mensen voor een loopbaan in de kernenergiesector. Onlangs waren we op de All Energy Day bij de TU Delft, en het was indrukwekkend hoeveel jonge mensen bij ons kwamen vragen naar stages, afstudeerplekken en traineeships. Er groeit een nieuwe generatie die kernenergie niet meer ziet als het taboe van de jaren ’80, maar als een serieuze optie in een serieus maatschappelijk vraagstuk. We zijn een relatief kleine organisatie – maar we bouwen iets wat Nederland in geen generaties heeft gebouwd. Dat trekt mensen aan. We hebben nu al meer dan tien nationaliteiten in huis.’

Reageren? Mail ons op redactie@scopebusinessmedia.nl

Dit interview is gepubliceerd in Management Scope 06 2026.

Dit artikel is voor het laatst aangepast op 23-06-2026

facebook

ManagementScope.nl gebruikt cookies

Voorkeuren

Basis

Basis cookies:
Scope Business Media anonimiseert de data van personen die op de site terechtkomen. Hierdoor heeft managementscope.nl nauwelijks persoonlijke data van onze websitebezoekers in beheer en mogen wij selecte datapunten verzamelen die geenszins aan u als persoon te koppelen vallen. Onder noodzakelijke cookies vallen alle datapunten die Scope Business Media gerechtigd is om te plaatsen zonder expliciete toestemming van de bezoeker. Dit betreft enkel volledig geanonimiseerde data die noodzakelijk is voor het functioneren van de site.

Compleet (aanbevolen)

Overige cookies, bij het kiezen voor ‘compleet’:
Onder de noemer ‘Overige cookies’ vallen cookies waarvoor wij expliciet toestemming van u nodig hebben. Hieronder vallen bijvoorbeeld onze marketing cookies die wij tevens volledig anonimiseren. Deze cookies zijn echter wel essentieel voor Scope Business Media, om ervoor te zorgen dat managementscope.nl kan blijven voortbestaan als site.

Cookie- en privacyverklaring