Johan Verlinden: 'Een trage reactie van de overheid op digitalisering zet een rem op innovatie'

Johan Verlinden: 'Een trage reactie van de overheid op digitalisering zet een rem op innovatie'

25-11-2020 | Auteur: Timen Kraak | Beeld: Erwin van Amstel

Wat is de impact van de coronacrisis op de governance van bedrijven? Diligent gaat in gesprek met company secretaries en general counsels die eerder al vertelden hoe de crisis voor hun concern uitpakte. Hoe staat het er nu voor? Nu: Johan Verlinden (1983), global legal affairs officer van Fagron.

Is er bij farmaceutisch bedrijf Fagron het laatste halfjaar veel veranderd?
‘Ja, op alle vlakken verandert er wel iets, vooral op het commerciële vlak. De planbare zorg wordt weer teruggeschroefd, dat heeft een impact op onze business. Wel voegen we COVID-gerelateerde producten toe aan ons aanbod, zoals UV-sterilizers. Onze innovatieafdeling draait op volle toeren om te zien welke oplossingen we in de markt kunnen introduceren. Daar vindt sneller innovatie plaats dan voor de pandemie. Intern merk ik drie evoluties: mensen beginnen de eindeloze mogelijkheden van digitalisering te zien, silo’s verdwijnen, en er is meer aandacht voor IT-governance en security.’ 

> Lees ook het eerdere interview met Johan Verlinden: 'Draag zelf digitale oplossingen aan'


Die evoluties komen dus in rap tempo; zitten daar ook haken en ogen aan?
‘Absoluut. Digitalisering moet niet ongebreideld gaan. Ik herinner me een verhaal van mijn grootmoeder, zij had na de Tweede Wereldoorlog een rijbewijs gekregen, maar kon niet autorijden. Er was in België zo veel geïnvesteerd in infrastructuur dat iedereen moest gaan rijden, daarom kreeg iedereen een rijbewijs. Zonder opleiding. Die sfeer is er nu ook, digitale toepassingen worden snel geïmplementeerd, met soms weinig aandacht voor de structuur waarin dat gebeurt. Alle afdelingen hebben daar verantwoordelijkheden. IT voor de technische kant, legal voor de kaders, HR voor opleiding en communicatie, en finance en operatie voor de integratie.’

Om wat voor digitale toepassingen gaat het dan vooral?
‘Op alle afdelingen worden wel nieuwe toepassingen gelanceerd. Mensen moeten goed kunnen samenwerken. Wij werken in een Microsoft-omgeving, zodra daar een nieuwe functie wordt gelanceerd, proberen we die zo snel mogelijk te implementeren. Maar ook grotere toepassingen, zoals nieuwe software voor kwaliteitscontrole, worden sneller geïntroduceerd. Ook de besluitvorming over aankoop en implementatie gaat sneller.’

Ziet u die versnelling ook terug op boardniveau?
‘Eigenlijk niet. Onze board is internationaal, dus vergaderingen gingen al vaak via videoconference en stukken werden al digitaal beschikbaar gesteld. Deze situatie heeft wel impact op het functioneren van de raad van commissarissen. De belangrijkste: we hadden de gewoonte om jaarlijks een strategische offsite te doen van een paar dagen. Dat kan niet meer, via Teams kun je geen strategische sessies van meerdere dagen houden. We doen het nog wel, maar opgeknipt in halve dagdelen, verspreid over een ruimere periode. Dus op bestuursniveau is vooral de inrichting anders.’

Is uw visie op de toekomst in het afgelopen halfjaar veel veranderd?
‘Voor een deel wel. Ik was positief verrast over hoe snel de evoluties die ik eerder noemde gingen, en denk dat die alleen nog maar zullen versnellen. Waar ik me op governancegebied zorgen over maak, is de reactie van de overheid op de voortschrijdende digitalisering. Digitale communicatie neemt nu zo’n vlucht, dat zal de wetgever moeten inkaderen. Als die daarin gaat achterlopen, kan dat een rem zijn op innovatie. Overheden hebben moeite met reageren op wat ze overkomt. Dat zien we met de pandemie en het gevaar bestaat dat dat ook het geval is bij sterk versnelde digitalisering. In de tussentijd kunnen wij alleen maar de afweging maken hoe wij de wereld zelf zien en ons daarop inrichten. Wij doen niet aan afwachten. Ons motto is eerder: vallen is niet erg, blijven liggen wel. We hebben liever dat mensen actie ondernemen en initiatief tonen, en dat mag dan best een keer fout gaan. Ik hoop dat veel bedrijven dat doen.’

In deze uitzonderlijke periode interviewen de auteurs van Management Scope bestuurders vanuit verschillende invalshoeken over hoe zij met deze crisis omgaan, en bundelen wij al deze artikelen onder de noemer #tacklecorona.

Johan  Verlinden

Geïnterviewd: Johan Verlinden

Management Scope Rankings

Bekijk hier alle rankings die Management Scope jaarlijks samenstelt.

Meer achtergrond artikelen

magazines_artikelen/Eiffelisdenaam01v.jpg

Ferdi van Dommelen: 'Company first'

Tussen 1992 en 2018 gaven Ferdi en Erica van Dommelen leiding aan het door hen opgerichte detacheringsbureau EIFFEL. Pas na de verkoop in 2018 kwam er ruimte voor reflectie, resulterend in het boek EIFFEL is de naam. Een gesprek met met Ferdi van Dommelen over 25 jaar ondernemerschap. ‘Het individu is als ondernemer niet belangrijk. Het is company first en niet me first.’

lees artikel
magazines_artikelen/Eerste-100-Wal01v.jpg

De eerste 100 dagen als cfo van Stork

'Niet te snel vanuit de heup schieten', zegt Lot van der Wal over haar eerste honderd dagen als cfo van Stork Technical Services.

Wie: Lot van der Wal
Wat: Sinds maart 2020 cfo van Stork Technical Services
Geïnterviewd door: Eric Vennix, Deloitte energy, resources & industrial leader en lid van de executive committee.

lees artikel
magazines_artikelen/Fast50-01v.jpg

Otrium-ceo Milan Daniels: 'We zijn in een stroomversnelling terechtgekomen'

12 procent van de kleding die wereldwijd wordt geproduceerd, blijft ongedragen. Online designer fashion-outlet Otrium zag het probleem en bedacht de oplossing. De oprichters brengen met hun platform vraag en aanbod bij elkaar. Co-ceo Milan Daniels: ‘Gevestigde merken zijn gestopt met luisteren naar de klanten.’

lees artikel
Management Scope

Geïntereseerd in Management Scope?

Maak kennis met het magazine via een proefabonnement: 3 edities voor €18,- of 6 edities voor €36,-

Vraag een proefabonnement aan
facebook