De variabelen van verbruiksmanagement

Auteur: Jeroen van Loon | 29-05-2015

De variabelen van verbruiksmanagement

Van slim inkopen tot inzetten op energiebesparende maatregelen en facturen op detailniveau bekijken: er zijn veel manieren om energiegebruik en de kosten daarvan terug te dringen. Bedrijven laten die mogelijkheden echter nog onbenut.

In de meeste bedrijven wordt energie gebruikt op dezelfde manier als thuis: voor verwarming, verlichting en de computer. Maar het echt grote energiegebruik zit in de productieprocessen. Waar het gasverbruik de laatste jaren is gestabiliseerd, blijft het elektriciteitsverbruik van bedrijven langzaam stijgen.

Er is steeds meer energie nodig voor ICT en het aantal datacenters groeit flink. Hoewel de meeste ontwikkelingen van de afgelopen jaren onmiskenbaar laten zien dat ons energiesysteem geleidelijk verduurzaamt, laten bedrijven nog veel mogelijkheden onbenut om slimmer om te gaan met energie en om kosten te besparen.


IN BEWEGING
Het energieverbruik in ons land is het resultaat van veel verschillende factoren. Economische groei vergroot het gebruik, maar groei creëert ook ruimte voor investeringen in duurzame oplossingen die het verbruik terugdringen. Met het in SER-verband gesloten Energieakkoord is duurzaamheid definitief onderdeel van het economisch beleid in ons land geworden. Het Energieakkoord omvat een groot aantal acties op het gebied van energiebesparing, hernieuwbare energieproductie, stimulering van investeringen en werkgelegenheid.


Ondertussen is ook de energiemarkt zelf sterk in beweging. De markt voor elektriciteit reageert met fluctuerende prijzen op de wisselende productie van windturbines en zonnepanelen. De sector heeft de productiecapaciteit drastisch verlaagd, al blijft ondanks het grotere aandeel van wind- en zonne-energie de capaciteit van regelbare centrales nodig om de wisselingen in aanbod van elektriciteit op te vangen. Daarnaast ontwikkelen energiebedrijven nieuwe activiteiten, voeren ze saneringsplannen uit en zoeken ze naar nieuwe verdienmodellen. Niet alleen aan de aanbodkant verandert veel. Energie lijkt weliswaar een commodity, maar nieuwe technologie en allerlei nieuwe wet- en regelgeving zorgen ervoor dat de vraagzijde veel meer mogelijkheden heeft gekregen om het energieverbruik en de totale energiekosten te beïnvloeden. Bedrijven kunnen sturen op slim inkopen, goed kijken naar de belastingen die ze betalen, besparen op het verbruik door aanpassing van het menselijk gedrag en door de inzet van technologie.


SLIMMER
Allereerst kunnen bedrijven slimmer inkopen. Bijna de helft van de energieprijs bestaat uit kosten voor de levering van energie; het overige deel bestaat uit belastingen en netbeheerkosten. De energieprijs komt op de vrije markt tot stand, onder meer als gevolg van vraag en aanbod, en is dus onderhevig aan veranderingen. Met inkoop op het juiste moment kan een voordeel worden behaald, maar bedrijven kunnen ook winst boeken door zelf kritisch te kijken naar de pieken en dalen in het verbruik, bijvoorbeeld door het verbruik meer te spreiden of te kijken naar de wijze waarop productieprocessen ingericht zijn.
Een voorbeeld: de opslag die bedrijven betalen over de energieprijs, wordt voor een groot deel bepaald door de zogenaamde profielopslag, en die wordt weer bepaald door de momenten waarop een bedrijf energie verbruikt en hoeveel energie het bedrijf maximaal nodig heeft (piekbelasting). Bedrijven die pieken in het verbruik weten te vermijden, kunnen de hoogte van de profielopslag positief beïnvloeden.


Dit soort variabelen speelt zowel bij het elektriciteits- als het gasverbruik, hoewel bij het gasverbruik de winterperiode uiteraard een grote invloed heeft in het verbruikspatroon. Een tweede voorbeeld van verbruiksmanagement is het voorspelbaar maken van het energieverbruik. Energieleveranciers kunnen hun eigen kosten reduceren wanneer zij minder fluctuaties hebben in de productie; ze zijn dus gebaat bij voorspelbare afnemers. Ook aan de kant van de netbeheerkosten kunnen bedrijven kosten besparen. De netbeheerkosten hangen onder meer samen met de wijze waarop een bedrijf op het energienet is aangesloten.


INKOMSTENBRON
Meer dan de helft van de energierekening van grootzakelijke energieverbruikers bestaat uit belastingen en netbeheerkosten. De belastingen zijn voor de helft opgebouwd uit energiebelasting en de Opslag Duurzame Energie (ODE), de andere helft is omzetbelasting (btw).


De energiebelasting is ingevoerd in 1996 om het efficiënte gebruik van energie te stimuleren, maar tegenwoordig is het een reguliere inkomstenbron voor de overheid. De afgelopen tien jaar steeg de energiebelasting voor zakelijke gebruikers ongeveer drie keer zo snel als de inflatie: voor verbruikers met een afname tot 10.000.000 kWh steeg de energiebelasting voor aardgas met 54 tot 112 procent en voor elektriciteit met ruim 36 procent. Voor grotere afnemers van elektriciteit bleef de energiebelasting gelijk. De hoogte van de energiebelasting wordt bepaald door het verbruik per aansluiting. Bedrijven kunnen dus voordeel behalen door bijvoorbeeld het volume van alle aansluitingen te cumuleren en zo in aanmerking te komen voor een verlaagd belastingtarief. In sommige gevallen komen bedrijven zelfs ook in aanmerking voor vrijstelling van energiebelasting.


De tweede heffing over het energieverbruik is de Opslag Duurzame Energie (ODE) die sinds 1 januari 2013 van kracht is. Deze belasting is eveneens gekoppeld aan de hoogte van het gas- en elektriciteitsverbruik. Hoe hoger het verbruik, des te lager de relatieve belasting. Met de inkomsten subsidieert het Rijk de productie van duurzame energie (Stimulering Duurzame Energieproductie, SDE), zoals de bouw van windparken op land en op zee.


GERICHT VERDUURZAMEN
Naast slim inkopen en het optimaal gebruik maken van fiscale regels, kunnen bedrijven ook inzetten op energiebesparende maatregelen, waardoor het verbruik zelf afneemt. Veel bedrijven kijken bij het terugdringen van het verbruik alleen naar de maandelijkse factuur, maar een belangrijk deel van de winst zit in detailinformatie over het energieverbruik: waar en op welke momenten wordt binnen uw bedrijf het meeste energie verbruikt? En wanneer is het verbruik juist laag? Voor het maken van goede analyses is betrouwbare managementinformatie nodig en de technologie biedt hierbij uitgelezen mogelijkheden: van slimme meters en sensoren tot en met digitale verbruiksadministratie en digitale facturen.


Externe dienstverleners kunnen daarnaast analyses uitvoeren in de bedrijfsinfrastructuur en in productieprocessen, al dan niet met realtime metingen. Hiermee creëren bedrijven de mogelijkheid om hun processen gericht te verduurzamen: bijvoorbeeld door het menselijk gedrag binnen het bedrijf te veranderen (licht uitdoen als een ruimte niet wordt gebruikt) of door de inzet van slimme en duurzame technologie (het licht gaat vanzelf uit als de ruimte wordt verlaten). Bedrijven zijn overigens vanuit de Wet milieubeheer verplicht om energiebesparende maatregelen te nemen. Gelukkig zijn er naar schatting meer dan duizend bedrijven in Nederland die zich bezighouden met isolatie, installatie, bouw en advies rondom energiebesparing.


WINNEN
Bedrijven kunnen naast het terugdringen van het energieverbruik ook gebruikmaken van alternatieve energiebronnen of zelf gaan bijdragen aan de energieproductie. Zo is het mogelijk om zelf te investeren in zonnepanelen, waarbij er regelingen bestaan voor subsidies en vergoedingen voor het terugleveren van energie aan het net. De energiesector biedt nog veel andere alternatieven voor energieafname waar bedrijven nauwelijks zicht op hebben, zoals warmte-koudeopslag of het aansluiten op een warmte-koudenet, waarbij gebruik wordt gemaakt van stadswarmte en kou die ‘op voorraad’ is. Bedrijven schakelen daarmee niet alleen over op duurzame energie, maar verlagen zo ook hun CO2-footprint en hun kosten doordat ketels en koelsystemen de deur uit kunnen. Op dit vlak hebben energieleveranciers de afgelopen jaren grote stappen gezet: inmiddels is meer dan 35 procent van de geleverde elektriciteit in Nederland groen. Nederland loopt daarmee echter nog wel achter ten opzichte van de rest van Europa. Er is dus nog veel te winnen.


Jeroen van Loon is manager productmanagement zakelijke markt bij Nuon.


Deze analyse is gepubliceerd in Management Scope 03 2015.

Wat vond u van het artikel? Stem / Waardeer:



Score 0 | 0 Waarderingen

Meer opinie