Constant in ontwikkeling: de cfo anno 2026

Constant in ontwikkeling: de cfo anno 2026
De functie van de cfo is de afgelopen 30 jaar enorm veranderd, maar zijn of haar achtergrond is nog min of meer dezelfde: vaak een opleiding in economie of accountancy en een verleden bij de Big Four. Ook is de cfo meestal nog een man. Dat blijkt uit een groot onderzoek naar de cfo in Nederland door Management Scope.

Het is een veelgehoorde take in de businesswereld, in de wereld van de consultants én in de kolommen van dit magazine: de functie van cfo (chief financial officer) is misschien wel sterker veranderd dan welke andere c-level-functie ook. Was de cfo aan het eind van de vorige eeuw nog vooral klassiek ‘de man van financiën’ (pronouns: he/him, opleiding: economie, pak: driedelig grijs, leeftijd: 60+), anno 2026 wordt cfo vooral gezien als mede-strateeg, transformatieleider, technologisch aanjager en gesprekspartner van aandeelhouders, toezichthouders en samenleving. Kortom: als de architect van waardecreatie. Als we het moeten geloven zijn de pronouns van de cfo ook helemaal van nu: de cfo is m/v/x. En grijs, dat is de cfo allerminst: niet qua haarkleur en zeker niet qua kledingkeuze.
Maar klopt dat allemaal wel? Is er inderdaad veel veranderd? Of is dit slechts een tekstboekrealiteit of een managementboekcliché? Zijn het wellicht mooie woorden, wishful thinking, groenwasserij, luchtfietserij en door ai steeds meer opnieuw rondgepompte slop? Management Scope dook – in het kader van haar aanstaande 30-jarige jubileum – uitvoerig in de materie en deed uitgebreid onderzoek naar de ontwikkeling die de cfo de afgelopen 30 jaar heeft doorgemaakt. Wie bekleedde de functie eind vorige eeuw en hoe ziet zijn/haar opvolger er anno 2026 uit? Wat zijn de overeenkomsten en wat zijn de verschillen? En zijn er uit die data ook (keiharde) conclusies te trekken?

De 100 grootste
Voor het onderzoek hebben we gekeken naar de cfo-positie bij de 100 grootste bedrijven en organisaties van Nederland. Daaruit kun je vrij gemakkelijk conclusies trekken over de basisdata, zoals leeftijd, opleiding, geslacht, nationaliteit en ervaring. Waar mogelijk trekken we een vergelijking met gegevens uit 1997. De inhoud van de werkzaamheden van de cfo laat zich wat minder makkelijk meten (om nog maar te zwijgen over de geleverde kwaliteit). Om daar toch wat tendensen te signaleren hebben we gekeken naar publicaties die de afgelopen 30 jaar zijn verschenen over het veranderende takenpakket van de cfo, zoals essays en interviews met cfo’s en deskundigen in dit magazine en in andere media.

Vrouwen in opmars; maar mannen maken de dienst nog altijd uit
Laten we beginnen met de keiharde cijfers, de meetbare data. Als we kijken naar de verhouding man/vrouw, kunnen we niet anders dan concluderen dat de cfo-positie nog altijd vooral een mannending is. Het vreugdevolle nieuws is wel dat het aantal vrouwelijke cfo’s flink is gestegen. Van de 100 grootste organisaties in Nederland is nu iets minder dan een kwart vrouw (75 mannen, 23 vrouwen en 2 vacatures); aanzienlijk meer dan 30 jaar geleden. Opvallend is dat de 30 AEX-fondsen onder dat gemiddelde zitten: zes vrouwen zijn cfo bij een beursgenoteerd bedrijf. In 2012 was dat er één: Marina Wyatt, cfo van TomTom.
Kortom: er zijn enorme stappen gezet, maar van het gewenste evenwicht is nog lang geen sprake. Wel behoort de cfo-functie inmiddels tot de meest toegankelijke bestuursrollen voor vrouwen. Het bevestigt het beeld dat we stiekem al hadden; ook in onze recente Top-100 Corporate Vrouwen signaleerden we al de opmars van de vrouwelijke cfo. Hoogleraar Mijntje Lückerath constateerde ruim 10 jaar geleden al dat de relatief weinige topvrouwen in het Nederlandse bedrijfsleven opvallend vaak cfo zijn: 'Het is een wereldwijde trend. Ook in veel andere landen zijn vrouwen gemiddeld vijf keer zo vaak financieel directeur als bestuursvoorzitter.' Toonaangevende vrouwelijke cfo’s in onze lijst zijn onder meer Sinead Gorman (Shell), Jolanda Poots-Bijl (Ahold Delhaize), Angelique Magielse (NS), Linde Jansen (PostNL) en Charlotte Hanneman (Philips, lees ook het interview Charlotte Hanneman: ‘Innovatie omzetten in groei’). Die laatste werd in 2024 de eerste vrouw in het Philips-bestuur in de destijds 133-jarige geschiedenis van het bedrijf. ‘Mannen willen – en nu generaliseer ik – vooral graag hun zegje doen. Door de toename van vrouwen verandert de sfeer’, zei Charlotte Hanneman ooit tegen Het Financieele Dagblad.

De cfo is een fitte vijftiger
De 60-plus cfo, de ex-accountant die na een lange financiële carrière op zijn 58e tot cfo werd benoemd, bestaat nauwelijks meer. De gemiddelde cfo is tegenwoordig een (vroege) vijftiger. De gemiddelde leeftijd ligt op 54 jaar. De meeste cfo’s uit onze lijst stammen uit de jaren 1969 en 1972. De late jaren ’60 en de vroege jaren ’70 zijn sowieso de hoogst scorende geboortejaren van de hedendaagse cfo. Verder tellen we opvallend veel veertigers. Het zou erop kunnen duiden dat bedrijven tegenwoordig meer op zoek zijn naar jong cfo-talent, naar cfo’s die een decennium meekunnen en meerdere transities kunnen leiden en mogelijk kunnen doorgroeien tot ceo.
De oudste cfo in onze lijst is nu ook weer niet zo oud en stamt uit 1961: Hans Kooijmans, cfo van IMCD Group, een groothandel in speciale chemicaliën en ingrediënten. Kooijmans in 2022 in een gesprek met cfo.nl: ‘Ik heb mijzelf nooit als financiële man gezien. Die operationele kant, de businesspartner, is steeds beduidender. Dat is ook de lol.’ Kooijmans heeft overigens zijn pensioen al aangekondigd. In 2027 wordt hij opgevolgd door Floris Lagerwerf. De vier jongsten in de lijst kun je, volgens de vaakst gebruikte definitie, al net millennials noemen. Zij delen 1985 als geboortejaar. Het zijn de jonge veertigers Mark Gils van distributeur/ groothandel B&S Group, Daphne Smit van e-commerce-bedrijf Coolblue (zie ook ‘De cfo Daphne Smit: het spiegelbeeld van Pieter Zwart’), de Canadees- Egyptische Beshoy Guirguis van chemiebedrijf OCI en Ewout Hollegien van verzekeraar a.s.r. Hollegien begrijpt dat bedrijven geïnteresseerd zijn in cfo’s van de nieuwe generatie. In een vraaggesprek met MT/Sprout: ‘Nieuwe leiders zijn gewend om te acteren in een snel veranderende wereld en hanteren een leiderschapsstijl die hierbij past. Dat betekent dat ze ruimte creëren voor autonomie, samenwerking stimuleren en vertrouwen op de kracht van het team.’

Eigen kweek of toch een toptransfer?
Ewout Hollegien is overigens een voorbeeld van een ‘zelf opgeleide cfo’, in dit geval door a.s.r., het bedrijf waar hij als ‘junior’ begon. 41 procent van de cfo’s van de door ons in kaart gebrachte bedrijven heeft een dergelijke route binnen het eigen bedrijf afgelegd. Een flink deel van de cfo’s is dus eigen kweek of homegrown talent. Hollegien zelf daarover in Management Scope: ‘Op een bepaald moment in mijn carrière heb ik het cfo-schap voor mezelf als een stip op de muur gezet.’ Echter: meer dan de helft van de cfo’s (56 procent) is nog altijd van andere bedrijven of organisaties afkomstig. Opmerkelijk is dat er nu juist veel meer externe benoemingen zijn dan in 2012 of 1997. Met name de AEX-bedrijven vallen graag terug op cfo’s van collega-AEX-fondsen of op een ambitieuze cfo van een wat kleiner bedrijf. Opvallend is dat cfo’s regelmatig van sector wisselen of internationaal bewegen. Zo was Maarten de Vries, cfo van AkzoNobel, eerder cfo van het kleinere Intertrust en FedEx Express, werd Hendrik Jan Roel dit jaar cfo van Jumbo door over te komen van een cfo-positie bij Royal FloraHolland, kwam Jolanda Poots-Bijl (cfo Ahold Delhaize) over uit een soortgelijke functie bij Van Oord en voerde Annemiek van Melick, cfo van NN, in het verleden cfo-rollen uit bij a.s.r. en de Volksbank. De Nederlandse cijfers lijken aan te sluiten bij een internationale trend. Volgens onderzoek van Egon Zehnder onder meer dan 600 cfo's wereldwijd had 57 procent van de cfo's die functie eerder al elders. Met andere woorden: bedrijven zoeken steeds vaker iemand die morgen kan beginnen en niet iemand die eerst nog het vak moet leren.

De cfo wordt steeds internationaler
De internationalisering van de cfofunctie is inmiddels vergevorderd. Eén op de vier cfo’s in onze lijst heeft een buitenlandse nationaliteit. Het is een melting pot van Britten, Amerikanen, Indiërs, Zuid-Afrikanen en Portugezen. Dertig jaar geleden was volgens ons vergelijkend onderzoek slechts een fractie van de cfo’s uit het buitenland afkomstig; in 2012 waren dat er al iets meer (we noemen Jeff Carr bij Ahold en Keith Nichols bij AkzoNobel). Het zijn vooral de beursgenoteerde én internationaal opererende bedrijven die teruggrijpen op de buitenlandse cfo. Internationale ervaring, liefst op meerdere continenten, is voor de cfo anno 2026 een dikke pre. Sterker: de cfo-functie zou weleens de meest geïnternationaliseerde functie in de Nederlandse bestuurskamer kunnen zijn.
Prominente niet-Nederlandse cfo’s in het Nederlandse bedrijfsleven zijn bijvoorbeeld de Brit Simon Crowe (cfo Arcadis), de Zweeds-Noorse Ida Lerner (ING Groep), de Franse Yang Xu (JDE Peet’s), de Turk Hayrettin Koçak (Ballast Nedam) en de Zuid-Afrikaan Nico Marais (Prosus). Nederland is blijkbaar populair onder expat-cfo’s. ING-cfo Ida Lerner op de website van haar werkgever: ‘Mijn jongste zoon, mijn man en ik zijn erg enthousiast over onze verhuizing naar Amsterdam; ons recente bezoek heeft dat gevoel alleen maar versterkt. Het is een mooie en levendige stad met zijn grachten, leuke restaurants en internationale gemeenschap.’

De export van Nederlands cfo-talent
Overigens heeft de internationalisering van de functie tot gevolg dat er ook Nederlands cfo-talent naar het buitenland vertrekt; cfo’s die niet in onze lijst staan, maar die de migratiebalans wel weer in evenwicht houden. We noemen Ewout Steenbergen, cfo van Booking Holdings (het Amerikaanse moederbedrijf achter onder meer Booking.com), Remco Steenbergen, cfo van de Zwitserse geneesmiddelenproducent Sandoz en Peter-Wim Gerssen, de Nederlandse cfo van het Zwitserse energiebedrijf Alpiq. Het is vermoedelijk niet zozeer het Nederlandse paspoort dat buitenlandse bedrijven aantrekkelijk vinden, als wel het profiel dat in Nederland vaak wordt opgebouwd: Nederlandse managers groeien op in een economie die sterk afhankelijk is van internationale handel. Uit de Deloitte CFO Survey Nederland van voorjaar 2026 blijkt dat Nederlandse cfo’s bovendien nog een unique selling point hebben: ze zetten relatief sterk in op scenarioanalyse en stresstesten. 35 procent gebruikt scenarioanalyses, tegenover 29 procent gemiddeld in Europa.

De accountant regeert (nog steeds)
Qua opleiding hebben veruit de meeste cfo’s nog altijd een (op het oog relevante) economische of boekhoudkundige opleiding gedaan. 40 procent van de cfo’s in Nederland heeft een RA-, RC-, AAof CA-titel, de beschermde beroepstitels van accountants en controllers. De grootste groep (30 procent) heeft braaf economie of bedrijfseconomie gestudeerd, op gepaste afstand gevolgd door een groep (22 procent) die accountancy heeft gedaan. Ook de overgrote rest van de cfo’s heeft een exacte, bedrijfseconomische of fiscale opleiding gevolgd. De enkele juristen vormen de ietwat vreemde eenden in de bijt. Nog iets excentrieker in de cfo-populatie zijn historicus Duncan Russell (cfo van verzekeraar Aegon), sterrenkundige Joost Gietelink (cfo van bloemen- en plantenbedrijf Dutch Flower Group), en classicus/taalkundige Douglas Wood (cfo van maritiem bedrijf SBM Offshore).
Het takenpakket van de cfo mag dan veranderd zijn, de financiële vakopleiding blijft het belangrijkste toegangsbewijs tot de boardroom. En dat is opvallend, want we horen in onze interviews steeds vaker dat het juist niet om het cv of de achtergrond van een kandidaat gaat, maar om wendbaarheid, weerbaarheid en modern leiderschap. Naar verluidt zijn er zelfs bedrijven die dit soort moderne cfo’s, zonder duidelijke financiële achtergrond, durven aan te stellen. Dergelijke spannende benoemingen zien we evenwel, los van een enkele sterrenkundige, niet heel duidelijk terug in onze lijst. Zouden dat dan de praatjes voor de bühne zijn?

In het kader van ons onderzoek naar de veranderende rol van de cfo lichten we enkele opvallende cfo's uit, zie ook de profielen hieronder.

De cfo William Bontes: ‘de mooiste cfo-rol van Nederland’
De cfo Angelique Magielse: homegrown cfo-talent
De cfo Chris Figee: moeiteloos schakelen tussen sectoren
De cfo Dirk Jan Sloots: meer zorgen dan verzekeren

De big four als kraamkamer
Een ander opvallend gegeven uit onze lijst: veel van de Nederlandse cfo’s hebben een achtergrond bij Deloitte, PwC, EY of KPMG. Vrijwel elk groot bedrijf heeft een cfo die ooit bij de Big Four werkte. Denk aan Roger Dassen (ASML, ex-Deloitte), Bas Brouwers (Rabobank, ex-KPMG, zie ook ‘De cfo Bas Brouwers: geloof in tech en ai’), Ralf Schmeitz (dsm-firmenich, ex-PwC), Michel Lamie (Achmea, ex-KPMG) en Carlo van Noort (Boskalis, ex-EY). In vergelijking met 1997 en 2012 is de invloed van de Big Four zelf opvallend toegenomen. De conclusie – overigens zonder waardeoordeel – kan niet anders zijn dan dat de invloed van de accountantswereld op de Nederlandse cfo-top nog steeds enorm is.

Hoge omloopsnelheid en twee dino’s
Dan de vraag: hoe lang draait de gemiddelde cfo in Nederland al mee? De omloopsnelheid blijkt opvallend hoog te zijn. De meeste cfo’s in onze top-100 zijn nog maar relatief kort geleden aan hun functie begonnen. In drie jaar tijd is meer dan een derde van de cfo-populatie vervangen. Sterker: de gemiddelde cfo heeft eigenlijk pas net zijn onboarding achter de rug. Kijken we naar het beginjaar van de huidige cfo-populatie in Nederland, dan valt op dat 2024, 2025 en 2026 de meest voorkomende ‘jaren indiensttreding’ zijn. De cfo-populatie is dus betrekkelijk fris en fruitig. Het suggereert op zijn minst: hoge mobiliteit en veel cfo-achtige vacatures op de markt. Gelukkig zijn er altijd uitzonderingen op de regel: de langstzittende cfo is Max van der Kwaak van dierenvoedingproducent Royal De Heus. Hij is sinds 1992 in functie bij het familiebedrijf en viert dus volgend jaar – niet vergeten te feliciteren – zijn 35-jarig cfo-jubileum. Tegenover cfo.nl: ‘Ergens anders dan bij De Heus werken? Ik kan het me amper voorstellen. Ik ben loyaal, want De Heus heeft me al die tijd zoveel moois gegeven. Ik durf te stellen dat mijn werk bij De Heus ook mijn hobby is.’ Er is nog één andere cfo die er in de vorige eeuw ook al zat, de eerder genoemde ‘nestor’ van de Nederlandse cfo’s: Hans Kooijmans van IMCD Group.

De invloed van private equity
Wat ook is veranderd de afgelopen decennia, is de invloed van private equity. Een behoorlijk groot percentage van de Nederlandse cfo’s heeft te maken met ‘PE’. We noemen Joost Sliepenbeek (cfo van Action, zie ‘Joost Sliepenbeek: Dé PE-specialist onder de cfo’s’), Sean Lannon (Nouryon), Luc Leunis (Maxeda), Bill McFarland (Refresco), Thorsten Krekels (Nobian), Jenny de Vries (Rituals) en Lucas Faase (BME). Wat de gevolgen daarvan zijn voor de cfo-functie is niet makkelijk in data te vangen. Private-equityhuizen sturen doorgaans nadrukkelijk op kasstromen, schuldreductie, operationele verbetering en waardegroei. Daardoor komen juist deze thema's vaak op het bordje van de cfo terecht. De opkomst van private equity heeft de cfo bovendien zichtbaarder gemaakt als bestuurder. In een PE-omgeving is de cfo vaak de belangrijkste gesprekspartner van de financiers.

De chief finance wordt chief value
Hetgeen ons brengt bij de inhoud van de functie. ‘De cfo van de toekomst’ is een geliefd onderwerp op fora en symposia. Er zijn rapporten over volgeschreven. En ook in dit magazine is het een terugkerend thema. In hoeverre is de functie de afgelopen 30 jaar echt veranderd en waar ontwikkelt die zich naartoe? Daarvan zien we in de harde data natuurlijk weinig terug. Of misschien op subtiele wijze tóch: in de benaming van de functie. Kort voor de eeuwwisseling heette de cfo nog weleens lekker ouderwets (en geef toe: lekker duidelijk): ‘financieel directeur’ of ‘financieel bestuurder’. De benaming ‘financieel bestuurder’ of ‘financieel directeur’ is inmiddels volledig uit de mode. De chef financiën is tegenwoordig vrij eenduidig ‘cfo’. Al is er wel een duidelijke trend te zien naar de volgende fase: de cfo wordt langzaam maar zeker een ‘cvo’, een chief value officer (zoals Niel Cortenraad, cvo van Vebego, zie ‘De cfo Niel Cortenraad: van schoonmaker tot chief value officer’). Ook zien we een toename van het aantal cfro’s, de chief financial & risk officer (zoals Godelieve van Velsen, cfro van coöperatie DELA, en Kees Hamster, cfro van Coöperatie VGZ). Harold van den Broek, cfo van bierbrouwer Heineken, tegen Management Scope: ‘De functie van de chief financial officer is zo langzaam maar zeker geëvolueerd naar de functie van chief value officer. Eigenlijk vind ik dat een betere omschrijving.’ Walter Bien, cfo van netwerkbeheerder Alliander, in een eerder interview: ‘Misschien is chief value officer inderdaad een logischere benaming. Maar goed, of je nu een “cfo” of een “cvo” wordt genoemd – dat maakt niets uit. Het gaat om de inhoud. Deze functie is breder dan “financial”. Dat is iets onomkeerbaars.’
Als we proberen iets verder te kijken dan de naam en te kijken naar de inhoud van de functie, zien we een aantal belangrijke tendensen. Zo is de positie van de cfo aanzienlijk strategischer geworden, zo is de cfo zich veel meer met transities gaan bemoeien, is de functie van de cfo aanzienlijk veranderd door digitalisering en de opkomst van ai, zijn risk en geopolitiek aanzienlijk belangrijker geworden en is de cfo vaker (mede) uithangbord van het bedrijf geworden. De portefeuille van de cfo is aanzienlijk verbreed. Conclusie: de cfo is een stuk belangrijker geworden.

Grotere rol voor strategie
30 jaar geleden rapporteerde de cfo vooral over wat er de afgelopen periode op financieel vlak was gebeurd. Dat vak, het vertrouwde edele handwerk, is tegenwoordig vrijwel verdwenen. De functie van cfo had de afgelopen decennia zomaar een stille dood kunnen sterven; de oude, vertrouwde cfo-taken zijn immers vrijwel volledig uit te voeren door ai. Het tegendeel is echter waar: in plaats van stilletjes de plaat te poetsen uit de boardroom heeft de cfo vaak een spilfunctie binnen het bedrijf gekregen. De cfo heeft invloed gekregen op niet-financiële domeinen en is nadrukkelijker betrokken bij strategische besluitvorming. Liefst 80 procent van de door Deloitte ondervraagde cfo’s (in de terugkerende CFO Survey) geeft aan dat de invloed van de cfo binnen de raad van bestuur de afgelopen vijf jaar is toegenomen. Jan Kees de Jager, voormalig cfo van telecomconcern KPN, vatte het eerder in een gesprek met dit magazine helder samen: ‘Toen ik als cfo bij KPN begon, waren we vooral aan het achterom kijken. Reporting the past. We waren altijd in de achteruitkijkspiegel aan het kijken en niet door de voorruit. Dat is een gevaar, want op een gegeven moment kom je een muur of een boom tegen. Ik vond het essentieel om dat te veranderen. Ik wilde dat nog maar een derde van de tijd aan reporting the past werd besteed. En daarnaast een derde comprehending the present en een derde foreseeing the future. Dankzij data-analyse zijn we beter dan ooit in staat om het heden te begrijpen en die toekomst te voorzien.’ Het beeld dat De Jager schetst wordt bevestigd door Annette Mosman, de huidige ceo van pensioenuitvoerder APG, maar voormalig cfo bij dezelfde club; zij zei: ‘Bij APG zeggen we dat de cfo “van recensent naar regisseur” moet. Bij finance waren we er van oudsher goed in om als een soort Statler en Waldorf uit de Muppet Show alles te becommentariëren, maar we moeten naar de regisseursrol toe.’ Op de een of andere manier is de cfo dat de afgelopen 30 jaar goed afgegaan.

De cfo als driver van transformatie
Bewaakte de klassieke cfo vooral de financiën, de moderne cfo moet vooral de veranderingen leiden en aanjagen. 30 jaar geleden was dit niet direct onderdeel van het takenpakket. De cfo van 2026 is verantwoordelijk (of in elk geval médeverantwoordelijk) voor grote organisatieveranderingen zoals fusies, overnames en de digitale transitie. Linde Jansen, cfo van PostNL (zie ook ‘De cfo Linde Jansen: Rekenen en iets betekenen’), zei het eerder in Management Scope als volgt: ‘Ik zie de cfo vooral als een transformational leader. Sterker: ik zie finance hierin als frontrunner, een driver van die transformatie. Als finance zijn wij transformation leaders, geen transformation supporters.’ Walter Bien, cfo van Alliander: ‘De cfo is chef tempo. De kunst voor de cfo is om juist initiatieven te zoeken die ons, in lijn met de strategie, verder brengen. Een cfo moet daar de lead nemen.’

De opkomst van data en digitalisering
Misschien wel de grootste verandering sinds de late jaren ’90 is de digitalisering van finance. Robotisering, cloudtechnologie, advanced analytics en ai hebben een groot deel van het traditionele cfo-handwerk overgenomen. Daardoor verschuift de aandacht van data verzamelen naar data interpreteren. Uit onderzoek van McKinsey & Company blijkt dat het aantal cfo’s dat verantwoordelijk is voor digitale activiteiten tussen 2016 en 2021 meer dan verdrievoudigd is. Een moderne cfo moet begrijpen hoe data-analytics werkt, hoe ai kan worden ingezet, hoe forecasting kan worden verbeterd en hoe digitale transformatie waarde creëert. Taco Titulaer, cfo van TomTom: ‘De technologie heeft ons werk wezenlijk veranderd. Veel van ons oude, vertrouwde werk is overgenomen door de techniek. De financiële rapportage is veel directer geworden. Rapportages worden snel en op maat gemaakt. Ze zijn ook veel makkelijker en sneller te controleren. Daardoor is er heel veel meer ruimte gekomen voor andere zaken.’

De cfo als aanjager van ESG-beleid
De term ESG dateert van het begin van deze eeuw. In 2004 werd in het VN-rapport Who Cares Wins voor het eerst gepleit voor het integreren van ‘environmental social & governance’ in bedrijfsrapportages. Geen wonder dat de cfo van 30 jaar geleden nauwelijks oog had voor dit dossier. Door regelgeving, investeerdersdruk en maatschappelijke verwachtingen verschuift ESG inmiddels steeds nadrukkelijker richting de finance-functie. Daardoor is voor cfo’s een nieuwe verantwoordelijkheid ontstaan, zoals het beoordelen van investeringen op het gebied van ESG en het vertalen van al die gegevens in ‘waarde’. Mirjam van Thiel, cfo Acomo, tegenover dit blad: ‘Als cfo vind ik het mede mijn taak om het bedrijf uit te dagen op het gebied van sustainability.’ Hans Janssen, cfo van Koninklijke FrieslandCampina: ‘De cfo bepaalt het tempo van de verduurzaming. Als je te snel gaat, kun je het niet betalen. Want dan zit je met technologie die nog niet uitontwikkeld is. Als je te langzaam bent, mis je de boot. Dus het bepalen van de pace waarin je de stappen neemt – dat is waar de cfo richting in moet geven.’

Meer aandacht voor risk en geopolitiek
Ook op het bordje van de cfo anno 2026: geopolitieke spanningen, handelsconflicten, cyberveiligheid, robuuste supply chains, klimaatrisico’s en reputatierisico’s. Veel duiders zien de coronapandemie wat dat betreft als omslagpunt. Plots kwam de cfo centraal te staan in crisismanagement, scenarioanalyse en bedrijfscontinuïteit. De geopolitieke werkelijkheid van de afgelopen jaren, met oorlogen, handelsspanningen en toenemende rivaliteit tussen economische machtsblokken, heeft die ontwikkeling verder versterkt. De cfo van 2026 kijkt niet alleen naar valuta en liquiditeit, maar ook naar ‘Washington’, ‘Kiev’ en ‘Beijing’. Uit eerdergenoemd cfo-onderzoek van Deloitte komt naar voren dat ‘geopolitieke risico’s’ met stip zijn gestegen op de cfo-agenda. Sterker: 40 procent van de cfo’s ziet die als een grote bedreiging voor het businessmodel. ‘Als ik naar de wereld om ons heen kijk en de aanhoudende escalaties, dan kan het bijna niet anders dan dat wij dat ook gaan voelen’, aldus Rabo-cfo Bas Brouwers bij de presentatie van de jaarcijfers in 2025.

De cfo als uithangbord
Vroeger opereerde de cfo relatief veel achter de schermen. Nu is hij of zij een belangrijk gezicht naar buiten. Investor relations is belangrijker geworden. Uit onderzoek van McKinsey & Company blijkt dat het aandeel cfo’s dat hiervoor verantwoordelijk is, is gestegen van 44 procent in 2016 naar bijna twee derde in 2021. De moderne cfo spreekt regelmatig met aandeelhouders, analisten, kredietbeoordelaars, toezichthouders en banken. De cfo treedt ook steeds vaker op in een tandem met de ceo. ‘Een duo’tje vormen met de ceo is het mooiste wat er is,’ zei Mark Rutten, cfo van bierbrouwer Swinkels eerder in dit blad. Rutten: ‘Ceo Peer Swinkels en ik zijn goed op elkaar ingespeeld en begeven ons ook op elkaars terrein. In het begin deed ik tegenover onze certificaathouders altijd het cfo-praatje: Peer de business update, ik de financial update. De laatste keer hebben we dat anders gedaan, hebben we het een beetje door elkaar gegooid. Dat werkte prima.’

De cfo als kroonprins
Omdat de cfo tegenwoordig steeds meer betrokken is bij strategie, technologie, risk, duurzaamheid en operatie, heeft de cfo een veel breder perspectief op de onderneming gekregen dan vroeger. De cfo wordt dan ook steeds vaker gezien als een potentiële ceo. Volgens Wharton Executive Education is internationaal het aandeel ceo’s dat afkomstig is uit de cfo-functie de afgelopen jaren toegenomen. Gegevens over exact hoeveel cfo’s ceo werden ontbreken. Maar volgens onderzoek van executive searchbureau Heidrick & Struggles had in 2025 ongeveer 27 procent van de nieuw benoemde ceo’s bij AEX-bedrijven een cfo-achtergrond. Dat percentage ligt opvallend hoog in Europees perspectief. Er is heel veel circumstantial evidence dat de route van cfo naar ceo vaak voorkomt. Zo werd Jumbo-cfo Ton van Veen baas van de club, groeide cfo Peter Wennink door tot ceo van ASML, was Hein Schumacher ooit cfo van FrieslandCampina om later ceo te worden, zagen we PostNL-cfo Pim Berendsen terug op de ceo-stoel in de boardroom en werd APG-cfo Annette Mosman gepromoveerd tot bestuursvoorzitter. De cfo wordt tegenwoordig steeds vaker gezien als kroonprins van de bestuurskamer. Wil je ceo worden? Begin dan als cfo!
Waarmee we langzaam maar zeker toe zijn aan de conclusie: nog nooit was de functie van cfo zo strategisch, technologisch en maatschappelijk als in 2026. Tegelijkertijd bestaat de cfo-populatie nog altijd uit economen, accountants, controllers en ex-consultants. De cfo van 2026 doet iets radicaal anders dan die van 1996, maar het profiel van de cfo is verrassend constant. Is dat erg? Dat durven we niet te zeggen. Maar opmerkelijk is het wel.

Saaie mensen?
Tot slot nog een openstaand, omstreden themaatje: de karaktertrekken van de doorsnee-cfo. Daarvoor moeten we nog even lekker in de vooroordelen duiken: het vermeende ontbrekende charisma en de vermeende grijsheid van de cfo. Professioneel toezichthouder Annemieke Roobeek, tevens voormalig hoogleraar aan Nyenrode, durfde het eerder in dit blad te benoemen en te bevestigen: ‘Cfo’s waren vaak ongelooflijk saaie mensen.’ Volgens haar is dat inmiddels veranderd, ook doordat de rvc heeft ingegrepen: ‘We zijn erachter gekomen dat het inzetten van mensen met zo’n saai profiel niet slim is. De cfo is echt veel belangrijker geworden, vooral om een reality check te kunnen doen op de strategie en de link met de business. We zoeken nu naar een breder profiel en een persoonlijkheid.’ Is de cfo inderdaad die ‘persoonlijkheid’? Naar onze smaak nog niet helemaal. Het is allemaal wel minder grijs dan vroeger. De modepolitie van onze redactie constateert tevreden dat driedelig grijs weliswaar op zijn retour is, maar dat het is vervangen door driedelig donkerblauw. Ja, dat is inderdaad ‘meer 2026’. Maar nog iets meer kleur, iets meer fleur, iets meer out of the box, iets diverser, iets meer sterrenkundigen desnoods – dat mag altijd.

Reageren? Mail ons op redactie@scopebusinessmedia.nl

Voor dit onderzoek hebben we ons gebaseerd op de cfo's van de top-100 bedrijven van Management Scope. Dit artikel is gepubliceerd in Management Scope 09 2026.

facebook

ManagementScope.nl gebruikt cookies

Voorkeuren

Basis

Basis cookies:
Scope Business Media anonimiseert de data van personen die op de site terechtkomen. Hierdoor heeft managementscope.nl nauwelijks persoonlijke data van onze websitebezoekers in beheer en mogen wij selecte datapunten verzamelen die geenszins aan u als persoon te koppelen vallen. Onder noodzakelijke cookies vallen alle datapunten die Scope Business Media gerechtigd is om te plaatsen zonder expliciete toestemming van de bezoeker. Dit betreft enkel volledig geanonimiseerde data die noodzakelijk is voor het functioneren van de site.

Compleet (aanbevolen)

Overige cookies, bij het kiezen voor ‘compleet’:
Onder de noemer ‘Overige cookies’ vallen cookies waarvoor wij expliciet toestemming van u nodig hebben. Hieronder vallen bijvoorbeeld onze marketing cookies die wij tevens volledig anonimiseren. Deze cookies zijn echter wel essentieel voor Scope Business Media, om ervoor te zorgen dat managementscope.nl kan blijven voortbestaan als site.

Cookie- en privacyverklaring