Next50 2026: de eerste millennials melden zich!

Next50 2026: de eerste millennials melden zich!
De Management Scope Next50 Commissarissen, verjongt langzaam maar zeker. De boomers dragen het stokje over aan generatie X en de eerste millennials drukken hun neus tegen het raam. Gelukkig laten ook de wat oudere generaties zich nog lang niet wegjagen.

In de coulissen van het Nederlandse toezicht staan nieuwe, talentvolle commissarissen klaar om de komende jaren de rol van topcommissaris te spelen. Ze beschikken inmiddels over een interessante portefeuille en spelen dus al een rol van betekenis in het Nederlandse toezicht, die alleen maar groter kan worden. Management Scope zet de opvallendste ‘nieuwelingen’ in toezichthoudersland op een rij in de Next50. Wie zijn deze 50 mannen en vrouwen die aan de deur kloppen? Zijn het echt nieuwe, onbekende talenten? Of zijn het de oude rotten uit de rvb’s die nu hun kennis ter beschikking stellen aan de rvc?

> Heeft u de volledige lijst al gezien? Bekijk hier de Next50 Commissarissen 2026

Peter Bommel is dit jaar als de nr. 1 in de Next50 de coming man van toezichthoudend Nederland. Met geboortejaar 1961 is hij niet meteen ‘jong’ te noemen, maar jong van geest is hij zeker, zie ook het kader ‘Internationale bestuurlijke expertise’ hieronder. Bommel is als oud-ceo van Deloitte Nederland natuurlijk geen onbekende in corporate Nederland. Zelfs in de Next50 is hij geen nieuw gezicht. Hij is al een tijdje bezig aan een gestage opmars: vorig jaar stond hij op nr. 8, het jaar ervoor op nr. 17.
Bommel was al voorzitter van de rvc van APG. Op 1 januari van dit jaar kwam daar een mooi nieuw commissariaat bij, bij bloemenveiler Royal Flora- Holland. Verder heeft hij sinds 1 januari zitting in de gloednieuwe raad van toezicht van het hoogste sportorgaan in Nederland: NOC*NSF. Bommel was daar overigens al bestuurslid, maar de nationale sportkoepel heeft gekozen voor een wat modernere governance-vorm – mét rvt en vanzelfsprekend mét Peter Bommel.


Peter Bommel: internationale bestuurlijke expertise

Peter Bommel (bouwjaar 1961), oud-ceo van Deloitte en de nr. 1 in de Next50 van dit jaar, spiegelt zich graag aan zijn pa, theoloog Jan Pieter Bommel. ‘Mijn vader begon theologie te studeren op zijn 58e en heeft meer dan 30 theologische boeken geschreven’, zei hij een paar jaar geleden in een vraaggesprek met de website van de VUVereniging, de club waar Peter Bommel tot vorig jaar voorzitter van was. In het interview kondigde Bommel ook alvast aan niet aan pensionering te denken: ‘Ik ben niet van plan voor mijn 70e te stoppen met werken. Ik heb nog veel energie en ben actief in allerlei gremia.’

Die 70e verjaardag is sowieso nog mijlenver weg. En dat er nog voldoende energie is bewijst Bommel maar weer. Per 1 januari van dit jaar kwam daar een nieuw gremium bij. Bommel trad toe tot de raad van commissarissen van Royal FloraHolland, de internationale coöperatie van bloemen en planten. Hij werd er ook voorzitter van de auditcommissie.
Rvc-voorzitter Evert van Helvoort toonde zich in zijn nopjes met de komst van Bommel: ‘Zijn brede achtergrond in diverse sectoren gecombineerd met zijn internationale bestuurlijke expertise op het gebied van strategie, financiën en innovatie maken hem een waardevolle aanvulling voor onze raad van commissarissen.’ Daar is niets te veel mee gezegd. Peter Bommel is een van de meest herkenbare namen in de Nederlandse advies- en accountancywereld. Hij stond jarenlang aan het roer bij Deloitte Nederland en heeft zich daarna ontwikkeld tot een breed betrokken bestuurder in diverse sectoren. Bommel studeerde accountancy aan de Vrije Universiteit. Daarbovenop volgde hij een opleiding tot US Certified Public Accountant aan de University of Delaware. Na zijn studie begon hij zijn loopbaan in de financiële wereld met functies bij onder andere Philips, KBB en MetaCorp.

Bommel is van ‘een gezonde geest in een gezond lichaam’; hij is sportief en fit, doet aan meditatie en yoga. ‘Ik zie het als gymnastiek; ik krijg er energie van en door het rekken van mijn spieren ben ik minder stijf’, zei hij ooit tegen het FD. Niet voor niets heeft hij nog altijd een functie bij sportkoepel NOC*NSF – sinds januari is hij er lid van de gloednieuwe raad van toezicht (eerder had hij al zitting in het bestuur). Hij houdt onder meer van zeilen, hockey (het veteranenteam van Naarden) en schaken. Op 12-jarige leeftijd werd hij al tweede bij de Haarlemse Schoolschaakkampioenschappen. De schaker Bommel – lievelingsopening: de Konings-Indisch – nodigde persoonlijk oud-wereldkampioen Garry Kasparov uit voor een lezing op het hoofdkantoor van Deloitte – natuurlijk inclusief een potje ‘simultaan’. Bommel: ‘Schaken bevat veel aspecten waarin Deloitte zich herkent. Elementen als strategisch denken, goed voorbereiden, doorzettingsvermogen en slagvaardigheid heb je nodig om succesvol te zijn als medewerker van Deloitte en als schaker.’

In de rubriek ‘Droomweekend’ van het FD bekende Bommel in 2015 dat het weekend van zijn dromen altijd moet beginnen op Aruba (meer bepaald: Renaissance Island, pal voor de Arubaanse kust). ‘Met dit deel van ons koninkrijk heb ik een hechte band; in het verleden heb ik zo’n acht jaar op Aruba gewerkt en drie van onze vier kinderen zijn hier geboren.’ Zijn fictieve, gedroomde weekendreis zou hem verder voeren langs onder meer Curaçao, Silicon Valley (voor een lezing van Peter Diamandis, oprichter van Singularity University), de Waddenzee, café Rooie Nelis in de Jordaan (‘We kwamen hier in mijn studietijd iedere week en hoorden letterlijk bij het meubilair’), Tokio, Stellenbosch en Barcelona – of meer bepaald voetbalstadion Camp Nou, waar hij zijn droomweekend zou afsluiten met een wedstrijd van FC Barcelona.



Bommel is met zijn toppositie de opvolger van Sandra Berendsen, die vorig jaar onze lijst aanvoerde en inmiddels in de Top-100 Commissarissen staat. Op nr. 2 in onze ranking van dit jaar treffen we ook meteen de hoogste nieuwe binnenkomer én hoogst genoteerde vrouw: toezichthouder Daniëlle Melis (zie kader ‘Dromen en je vinger opsteken’ hieronder). Ze kreeg een nieuwe positie in de rvc bij PGGM. Verder is ze momenteel volop bezig met het monitoren en waar nodig herzien van de corporate governance code als lid van de huidige Monitoring Commissie Corporate Governance Code. Een kolfje naar de hand van deze governance- specialist.


Daniëlle Melis: dromen en je vinger opsteken

Ze beschouwt wijlen hoogleraar Steven Schuit van Nyenrode Business University als haar belangrijke leermeester. ‘Op de dag van mijn benoeming in de Monitoring Commissie’, zei Daniëlle Melis (1972) vorig jaar in een interview met dit magazine, ‘heb ik hem een app gestuurd om hem te bedanken voor zijn wijze governancelessen.’ Het verhaal kent een wat droevige clou: ‘Later hoorde ik dat hij die avond was overleden.’

De benoeming in de Monitoring Commissie Corporate Governance Code was een eervol hoogtepunt in de carrière van Melis: ‘Het is een eer om vanuit deze commissie de normen voor goed bestuur die meer dan 20 jaar geleden in de code-Tabaksblat voor het eerst werden beschreven verder te actualiseren én het draagvlak voor deze principes in ondernemingen te activeren’, vertelde ze in hetzelfde interview.
Melis geldt als een van de prominentste corporate governance-kenners van Nederland. Ze was onder meer voorzitter van het Nyenrode Corporate Governance Instituut. En nog steeds doceert ze er over het onderwerp binnen de Nyenrode Commissarissencyclus. Ze promoveerde bovendien op het thema institutional investor stewardship myth, een onderzoek naar de rol van institutionele beleggers in governance.

Een vormend moment voor Melis, zo zei ze tegenover de website van Nyenrode, was een bezoek in 2013 aan het International Corporate Governance Network (ICGN) in New York. ‘Daar luisterde ik naar een indrukwekkende voordracht van Samantha Nutt van War Child Canada over wantoestanden in de mijnbouwsector en de impact ervan op lokale gemeenschappen in Afrika. In dezelfde zaal zaten honderden institutionele beleggers met financiële belangen in die industrie. (...) Het was een moment waarop ik mij realiseerde hoe relevant een beter begrip van stewardship van institutionele beleggers is en zou blijven.’ De laatste jaren is Melis zich aan het ontwikkelen als beroepscommissaris. En dat is niet onopgemerkt gebleven gezien haar stipnotering, vanuit het ‘niets’ naar nr. 2 in onze Next50 – het nieuwe voorlopige hoogtepunt in haar carrière. Haar benoeming afgelopen jaar in de rvc van de coöperatieve pensioenuitvoeringsorganisatie PGGM onderstreept haar reputatie als een van de meest talentvolle toezichtprofessionals in Nederland. Naast haar positie bij PGGM is ze commissaris van onder andere Achmea Investment Management en Achmea Real Estate. Haar commissarissencredo: ‘Een goede commissaris heeft áltijd tijd voor het goede gesprek.’
En als de regels het haar niet zouden belemmeren, zou ze het liefst nog meer doen, zo bekende ze tegenover Management Scope: ‘Als beroepscommissaris vind ik het jammer dat ik me tot een absoluut aantal van vijf moet beperken. Het gevolg van die beperking is dat gekwalificeerde commissarissen naar het buitenland gaan kijken of adviesrollen gaan vervullen, terwijl er in Nederland nog steeds een grote behoefte is aan ervaren commissarissen. Ik hoop dat ten aanzien van de limiteringsregeling nog eens een nadere nuancering komt voor beroepscommissarissen.’

Waar het gaat ‘eindigen’ met Melis? Vermoedelijk met een notering in de Top-100 Commissarissen van volgend jaar. In Scope sprak ze vorig jaar haar ambities – in het kader van ‘spreek je dromen uit en steek je vinger op’ – nog hardop uit: ‘Ik ambieer nog altijd een commissariaat bij een Nederlands beursgenoteerd bedrijf, al dan niet buiten de financiële sector, innovatief, in Nederland of internationaal met een complex stakeholderveld.’



De top 3 wordt gecomplementeerd door Dirk Anbeek, commissaris (vz) van onder andere Sligro, Roompot/ Landal en Ajax. Vorig jaar viel de voormalig bestuursvoorzitter van Landal vakantieparken nog net buiten het erepodium (nr. 4). Het is dat we alle punten eerlijk bij elkaar optellen, maar eigenlijk verdient Anbeek in deze ranking een aantal bonuspunten, gewoon omdat hij in de meest besproken raad van commissarissen van Nederland – die van Ajax – ‘the last man standing’ is. Alle andere commissarissen zijn afgelopen jaar opgestapt, gesneuveld, afgehaakt of weggepest. Dat het commissarisschap bij Ajax net iets anders is dan welke andere toezichthoudende rol ook, bleek maar weer eens uit de emotionele oproep die Anbeek deed tijdens de meest recente algemene aandeelhoudersvergadering, opgetekend door website Ajax Showtime: ‘De onjuiste informatie die ik over Ajax lees is schrikbarend. Het is van de zotte dat iemand beticht wordt van een nekschot (De Telegraaf schreef dat rvc-adviseur Louis van Gaal het 'nekschot' had gegeven inzake het ontslag van trainer John Heitinga, red.) en iemand anders wordt neergezet als een ‘gezwel’ (rvc-lid en oud-Ajax-speler Danny Blind werd zo genoemd door zaakwaarnemer Rob Jansen, red.). Het overschrijdt iedere vorm van fatsoen. Ik doe een dringend beroep op eenieder om elkaar met fatsoen aan te spreken. Wat meer op de inhoud en minder op de persoon.’ We hopen voor Anbeek dat het er in de rvc van Sligro iets gezelliger aan toe gaat.   

Torenhoge ambities

De top-10 kent nog twee veelbelovende nieuwkomers aan wie Nederlandse bedrijven nog veel plezier zullen beleven de komende jaren: Simone Huis in ’t Veld (nr. 9) en Isabel Moll-Kranenburg (nr. 10). Huis in ’t Veld, voormalig ceo van EuroNext Amsterdam, is na een sabbatical veel ambitie begonnen aan een tweede leven als beroepscommissaris. In een interview met Management Scope zegt Simone Huis in ’t Veld over haar switch naar het beroepscommissariaat: ‘Een negende positie in de Next50 is heel eervol. Daar ben ik heel blij mee. Maar ik zal je eerlijk zeggen: ik wil in die andere lijst: de Top-100 Commissarissen.’ 
Ook al omdat Huis in ’t Veld nog ruimte zegt te hebben in haar toezichthoudende agenda, sluiten we niet uit dat haar dat betrekkelijk snel zal gaan lukken. Ook de kennis van techvrouw Isabel Moll-Kranenburg (zie kader ‘Een resilience agent als toezichthouder’ hieronder) zal voor veel bedrijven en organisaties waardevol zijn. Moll-Kranenburg is nog volop actief als executive – ze is managing director BeNeLux van Dell Technologies – maar begon dit jaar aan een nieuwe non-executive rol in de rvc van Menzis. Ze was al toezichthouder van Odido Nederland waar ze zonder twijfel haar handen nu vol heeft aan het enorme datalek dat medio februari naar buiten kwam.


Isabel Moll-Kranenburg: een resilience agent als toezichthouder

Isabel Moll-Kranenburg (1973) kwam al vroeg in aanraking met techniek. Haar vader, leraar van beroep, maakte educatieve applicaties voor leerlingen die moeite hadden met rekenen. ‘Op een dag vroeg hij mij of ik het programma dat hij had gemaakt kon testen, voordat hij het mee naar school nam’, zo vertelde ze aan de website Dutch women in tech. ‘Een paar weken later ging ik naar zijn school en zag de impact die hij maakte. Hij leerde elk kind vermenigvuldigen, maar het meest impactvolle dat ik zag, was het groeiende zelfrespect van die kinderen en de pasgeboren interesse om meer te leren en harder te werken om nog beter te worden.’ Ze concludeert: ‘Vanaf dat moment was de passie geboren.’ Over passie gesproken: volgens haar eigen LinkedIn wordt Moll-Kranenburg ‘gedreven door één doel: een tastbare en blijvende impact creëren met mijn passie en vaardigheden.’

Moll-Kranenburg is een van de coming women in toezichthoudend Nederland. En daarmee doen we haar ook nog eens flink te kort, want Moll-Kranenburg is niet alleen actief als toezichthouder, maar vooral ook aan ‘de andere kant’ van de bestuurstafel, namelijk in een executive rol als managing director BeNeLux van IT-infrastructuur en hardware-bedrijf Dell Technologies. Haar cv ademt inmiddels ‘tech’, ‘digital’, ‘innovatie’ en ‘verandermanagement’. ‘Vanaf de eerste dag in mijn werkend leven heb ik de kans gekregen om waarde toe te voegen in mooie IT-opdrachten en -rollen, verschillende expertises te ontwikkelen en elke dag nieuwe mogelijkheden te ontdekken’, zei ze daarover.

Ooit was ze een van de eerste vrouwen in een topfunctie aan de technische kant bij Microsoft in Nederland. Ze stond aan het hoofd van cloud en zakelijke toepassingen. In een interview met NRC zei ze dat dat niet altijd makkelijk was: ‘Laat ik het zo zeggen: ik ben blond, ik zag er jong uit voor mijn leeftijd. Ik heb daarom altijd harder moeten werken dan mannen om me te bewijzen.’ Ze gelooft nog altijd in ‘vrouwelijke kracht’. Tegen de website Dutch women in tech: ‘Zonder alle mannen nu over één kam te scheren, denk ik dat vrouwen van nature eerder denken om de handen ineen te slaan en te werken vanuit verbinding, in plaats van anderen direct als concurrent te zien.’

In de vroege jaren van haar carrière werkte ze bij KLM, waar ze verschillende IT-rollen vervulde. Na haar tijd bij Microsoft verhuisde ze naar KPMG, waar ze als partner van de data & analytics-unit leiding gaf aan digitale transformatieprojecten voor klanten in de gezondheidszorg en bij de overheid. Per januari van dit jaar is ze begonnen als lid van de rvc van Menzis. Sinds 2024 zit ze bovendien in de supervisory board van Odido Nederland. Het levert haar een nr. 10-notering op in de Next50 van 2026.

Moll-Kranenburg heeft in meerdere publieke optredens en interviews benadrukt dat technologie pas echt waarde krijgt als het door mensen wordt begrepen en toegepast. Technologie mag geen doel op zich zijn, maar een middel om echte maatschappelijke en zakelijke impact te realiseren. In haar keynote voor het Dell Technologies Forum 2025 legde ze haar visie verder uit: ‘Er is één ding, één belangrijk ding, en dat ding zijn wij. Dat is de mens. Dat zijn wij als leiders. Want het gaat niet alleen om technologie. Het gaat om de mensen die de data benutten, die elke dag moedige beslissingen nemen, en die altijd in de pas lopen om die vooruitgang te realiseren, sneller te innoveren en deze nieuwe innovatie te drijven.’ Tijdens diezelfde keynote hield Moll-Kranenburg een pleidooi voor de resilience agent, leiders die niet alleen verandering managen, maar organisaties helpen stabiliteit te vinden terwijl ze zich aanpassen aan de voortdurende technologische evolutie. Precies wat menige rvc keihard nodig heeft.



Luisteren en vragen stellen
De top-10 bestaat verder uit min of meer oude, bekende namen. Met name Medy van der Laan (van nr. 9 in 2025 naar nr. 8 dit jaar), Tim van der Hagen (van nr. 6 naar nr. 7), Fleur Rieter (van nr. 7 naar nr. 6) en Diederik Samsom (van nr. 10 naar nr. 5) weten al hoe het voelt om je een jaar lang te mogen outen als top-10-genoteerde van de Next50. Dat gevoel is helemaal nieuw voor Roelien Ritsema van Eck. Ze dendert de top-10 binnen vanaf de 18e plaats vorig jaar, een stipnotering op nr. 4 die ze met name te danken heeft aan haar toezichthoudende positie bij ABN AMRO Hypotheken Groep en aan haar nieuwe rol als bestuursvoorzitter van woningcorporatie de Alliantie, hoewel in een commissarissenlijst een bestuursfunctie natuurlijk maar een klein beetje meetelt.

Balans en nieuwkomers
Wie goed heeft opgelet, heeft gezien dat onze top-10 dit jaar zes vrouwen en vier mannen telt. Vorig jaar, toen we ons afvroegen of het qua vrouwen binnen de hele ranking ‘een onsje meer’ mocht zijn, waren dat er nog vijf om vijf. In 2023 en 2024 stonden er steeds drie vrouwen in de top-10. Als we verder uitzoomen naar de hele top-50, helt de genderbalans weer duidelijk over: 23 vrouwen en 27 mannen. De lijst is daarmee iets minder uit balans dan vorig jaar; toen was het 22 (v) om 28 (m). In 2024 – én in het jaar ervoor – stonden er exact evenveel mannen als vrouwen in de top 50... Trek zelf indien gewenst uw conclusies.
De top-3 van hoogste nieuwe binnenkomers hebben we onder de loep genomen (Melis op nr. 2, Huis in ’t Veld op nr. 9 en Moll-Kranenburg op nr. 10). De Next50 telt dit jaar in totaal 17 nieuwkomers (tien mannen, zeven vrouwen). Dat is evenveel als vorig jaar. Maar aanzienlijk minder dan in 2024, toen we kennis konden maken met 30 nieuwkomers.
Een van de veelbelovende nieuwkomers, en tevens de op een na jongste in deze lijst, is Alliander-ceo Maarten Otto – bouwjaar 1983. Hij werd vorig jaar benoemd in de rvc van NWB Bank. Otto heeft een groeiende schare fans, vooral vanwege zijn moderne, transparante leiderschap. Koen Overtoom, ceo van Havenbedrijf Amsterdam, toonde zich onlangs in een interview met Management Scope, erg enthousiast over zijn ambtgenoot: ‘Ik kijk met bewondering naar Maarten Otto, met wie ik samenwerk in onze energieprojecten. Hij durft zich kwetsbaar op te stellen. Hij heeft op een gegeven moment gezegd dat hij zijn corebusiness, het leveren van elektriciteit, niet meer kan doen door netcongestie. Dat is niet iets dat je makkelijk toegeeft als ceo. (...) Hij heeft dat opengebroken. Als je zoiets zegt, krijg je hulp.’ We zijn benieuwd wat deze aanpak gaat brengen in een toezichthoudende rol. Dat toezichthouden niet iets is dat je er zomaar even bij doet, daarvan lijkt Otto goed doordrongen. In het interview ‘Ik heb nu meer compassie voor commissarissen’ zegt hij daarover: ‘Ik snap nu hoe lastig het is om uit alle informatie de essentie van bestuursuitdagingen te destilleren zonder in de details te verdrinken.’
Ook risk-specialist en dijkgraaf van het Waterschap Rivierenland Tanja Cuppen bestormt deze lijst vanuit niets. Ze komt binnen op nr. 14. In 2023 stond ze al eens op nr. 37, om daarna even van het strijdtoneel te verdwijnen. Haar terugkeer valt mede te verklaren door haar nieuwe positie bij Nationale Hypotheek Garantie, waar ze toezichthouder werd, naast haar commissariaat bij coöperatie Menzis. Cuppen heeft een lange historie als ‘chief risk’ van onder meer ABN AMRO en Rabobank. Ze ziet haar toezichthoudende werk ook als een vorm van risicomanagement. Zo zei ze een aantal jaren geleden: ‘Als je erover nadenkt, is er een mooie parallel met risicomanagement. Ook daar geldt dat je beter kunt voorkomen dan genezen: preventie van schade is in het algemeen effectiever dan detectie en respons.’


Eugène Willemsen: de man die China aan de Lipton kreeg

Wie Eugène Willemsen (1967) volgt op de socials, krijgt een aardig inkijkje in het leven van een business executive van een groot internationaal concern. Het ene moment een ontmoeting met premier Modi van India, het volgende moment het World Economic Forum in Davos en niet veel later langs de vangrail bij een Grand Prix in de Formule 1 – bijvoorbeeld in zijn ‘home country’ op het circuit van Zandvoort. Willemsen is ceo van International Beverages bij PepsiCo, het Amerikaanse voedings- en drankenconcern dat we kennen van een aantal wereldberoemde producten in het supermarktschap: Pepsi, Lay’s, Quaker, Doritos en Gatorade. Willemsen geeft leiding aan alle ‘beverage-activiteiten’ buiten Noord- Amerika. Zijn aanwezigheid in de pit bij tal van Formule-1-races heeft te maken met het feit dat Gatorade een van de sponsors is van het Mercedes-AMG F1 Team (de grote concurrent van Max Verstappen…).
Veel in Nederland is Willemsen – afgaande op diezelfde socials – niet. Maar dat gaat wellicht veranderen: sinds medio december maakt hij namelijk deel uit van de rvc van FrieslandCampina, als vierde externe onafhankelijke commissaris. Zijn nieuwe rol levert hem een stipnotering op in de Next50: hij komt binnen op de 33e plaats.

De nieuwe positie bij FrieslandCampina brengt Willemsen terug naar de plek waar het ooit begon. Eind jaren ’80, na een studie bedrijfskunde aan Nyenrode en economie aan de VU, begon hij als market unit manager bij Campina – een van de voorlopers van ‘FC’. Na een jaar of vijf vloog hij evenwel uit en maakte hij de overstap naar PepsiCo, het bedrijf waar hij nu al meer dan 30 jaar werkt. Op zijn LinkedIn: ‘30 jaar bij PepsiCo, en de reis gaat door, maar ik vraag me nog steeds af: waar is de tijd gebleven? Het voelt alsof ik gisteren aan mijn eerste project begon, en toch heb ik het voorrecht gehad om de ongelooflijke groei, aanpassingsvermogen en uitbreiding van het bedrijf op wereldschaal te zien.’ Aanvankelijk was Willemsen verantwoordelijk voor de Benelux en Europa. Volgens insiders was met name ‘de Europese kijk’ van Willemsen een pre voor het Amerikaanse bedrijf. Hoogleraar Henry Robben van Nyenrode zei daarover ooit in het AD: ‘Willemsens kennis van het aanpakken van producten op lokale markten is essentieel. Amerikanen denken toch vaak dat Europa één land is, maar hij weet hoe de landen en hun gebruik van drank en snacks wisselen.’ Maar al snel werd niet alleen Europa, maar de hele wereld zijn toneel. Het is mede aan Willemsen te danken dat China aan de Lipton-ijsthee is gegaan.

Een belangrijke stap in Willemsens loopbaan was zijn rol als ceo van PepsiCo AMESA (Africa, Middle East, South Asia), waarin hij vanaf 2019 leiding gaf aan meer dan 26.000 medewerkers in 74 landen. In deze functie werd hij gezien als een leider die zowel commerciële prestaties nastreefde als maatschappelijke impact in lokale gemeenschappen stimuleerde. Onder hem werden programma’s opgezet die zich richten op women empowerment, jeugdontwikkeling en sociale innovatie via initiatieven als de Arab Youth Hackathon, She Works Wonders en Amal Academy. Ook werd hij onderscheiden met de CARE Impact Award for Corporate Vision voor zijn inzet voor PepsiCo’s samenwerking met het She Feeds the Worldprogramma dat gendergelijkheid in de landbouw promoot.

In een interview met The CEO Magazine gaf hij aan dat integriteit de kern vormt van zijn leiderschapsstijl en dat hij streeft naar een cultuur waarin mensen zich empowered voelen om verantwoordelijkheid te nemen. In zijn publieke optredens, onder meer bij het World Economic Forum, laat Willemsen zich gelden als een voorstander van verantwoorde innovatie, duurzaamheid en digitale transformatie. Willemsen, zoon van een wit- en bruingoedimporteur uit Oosterbeek, wilde aanvankelijk hartchirurg worden, zo wist het FD te melden in een van de zeldzame profielen van hem in de Nederlandse media. Maar het leven had overduidelijk iets anders voor hem in petto.



Jongste veulens in de stal
We zijn in deze lijst van opkomende commissarissen natuurlijk ook benieuwd naar de jongste veulens in onze stal en de groenste blaadjes aan onze boom. Welnu, wie op zoek is naar GenZ komt nog even bedrogen uit (zij zijn waarschijnlijk nog te druk met het horen we de oudjes cynisch mompelen), maar Management Scope is trots de komst te mogen melden van maar liefst drie millennials in onze lijst – als we althans de definitie van het begrip ‘millennial’ een beetje ruim opvatten, te weten ‘geboren tussen 1981 en 1996’. Oud-VVD-politicus Klaas Dijkhoff is met geboortejaar 1981 nog nét in deze categorie te vangen, net als de eerder genoemde Maarten Otto (1983). Veruit de jongste in onze lijst is echter de in 1995 geboren agrarisch ondernemer Sandra Stuijk – sinds kort lid van de raad van commissarissen van Koninklijke FrieslandCampina. 1995? Dat komt al in de richting van GenZ! De nestor uit onze lijst is dit jaar oud-PvdA-politicus Martin van Rijn – geboortejaar 1956. Hij is een van de drie Next50-commissarissen die stamkeuze is binnen Nederland Bestuursland, of dat het iets is dat bedrijven en organisaties met het verstrijken der jaren domweg overkomt. Zoveel commissarissen uit de jaren ’40 zijn er immers niet meer voorhanden…

De oud-politicus als subcategorie
Met het noemen van Martin van Rijn, Klaas Dijkhoff, Medy van der Laan en Diederik Samsom zijn we aanbeland bij een interessante subcategorie: die van de oud-politici. Daartoe behoort ook oud-PvdA-Kamerlid Frank Heemskerk (nr. 34), waarmee we op 10 procent van onze lijst komen. Het bewijst maar weer de stelling dat het Kamerlidmaatschap een uitstekend opstapje is naar een toezichthoudende carrière. In ieder geval voor leden van de gekende middenpartijen; commissarissen met bijvoorbeeld PVV- of FVD-achtergronden of -sympathieën hebben we zo een-twee-drie niet kunnen vinden, al waren we niet bij alle 50 nexters aanwezig in het stemhokje.

Een veelgebruikte stoplap
We constateerden het bij de presentatie van de Top-100 Commissarissen al: het ranken van mensen op basis van ‘kleur’ is een beetje uit de mode geraakt. ‘Diversiteit is een breed begrip’, is een veelgebruikte stoplap in deze kolommen. Of: ‘Het gaat vooral om diversiteit in denken’. Allemaal mooi en aardig en helemaal prima. Don’t kill the messenger, kaatsen wij dan maar vrolijk terug – maar intussen is de top-50 opvallend eenkleurig, te weten: 50 tinten wit. Of vooruit: 48. Artie Debidien (nr. 30) en Abhijit Bhattacharya (nr. 41) voegen gelukkig nog wat seasoning toe aan de – oppervlakkig beschouwd – toch wel wat fletse Hollandse polderprak.
Wat verder opvalt, is het relatief grote aantal bestuurders in de Next 50, waarmee we bedoelen: mensen die naast een toezichthoudende rol ook een rol aan de andere kant van de tafel vervullen, bijvoorbeeld in een raad van bestuur. Dat geldt voor 18 mensen in de lijst.

Doorstroming
Hoe zit het met de doorstroming vanuit deze lijst naar de Top-100 Commissarissen? We kunnen voorzichtigjes claimen dat een toppositie in deze lijst een garantie is voor een positie in de lijst der lijsten. De vier laatste ‘winnaars’ zien we immers allemaal terug in de Top-100 Commissarissen. Sandra Berendsen, de nummer 1 van vorig jaar, staat op nr. 19 in ‘de grote lijst’, de Next50-aanvoerder van 2024 Kuldip Singh staat op nummer 16 in de Top-100. Baptiest Coopmans (laureaat 2023) staat op nr. 78 en Roderick Munsters (de lijstaanvoerder van 2022) staat op nr. 25. Op nr. 49 van de Top-100 Commissarissen 2026 vinden we Laetitia Griffith, die in 2020 bovenaan stond in de Next50. Van de lijst van vorig jaar zijn er zeven mensen doorgestroomd naar de Top-100, onder wie de volledige top drie van vorig jaar.
Hetgeen ons brengt bij de slotconclusie: er is beweging. De panelen zijn aan het schuiven. Er is nieuw elan. De nieuwe generaties melden zich. Maar gelukkig laten ook de wat oudere generaties zich nog lang niet wegjagen.   

Reageren? Mail ons op redactie@scopebusinessmedia.nl

Dit interview is gepubliceerd in Management Scope 03 2026.

facebook

ManagementScope.nl gebruikt cookies

Voorkeuren

Basis

Basis cookies:
Scope Business Media anonimiseert de data van personen die op de site terechtkomen. Hierdoor heeft managementscope.nl nauwelijks persoonlijke data van onze websitebezoekers in beheer en mogen wij selecte datapunten verzamelen die geenszins aan u als persoon te koppelen vallen. Onder noodzakelijke cookies vallen alle datapunten die Scope Business Media gerechtigd is om te plaatsen zonder expliciete toestemming van de bezoeker. Dit betreft enkel volledig geanonimiseerde data die noodzakelijk is voor het functioneren van de site.

Compleet (aanbevolen)

Overige cookies, bij het kiezen voor ‘compleet’:
Onder de noemer ‘Overige cookies’ vallen cookies waarvoor wij expliciet toestemming van u nodig hebben. Hieronder vallen bijvoorbeeld onze marketing cookies die wij tevens volledig anonimiseren. Deze cookies zijn echter wel essentieel voor Scope Business Media, om ervoor te zorgen dat managementscope.nl kan blijven voortbestaan als site.

Cookie- en privacyverklaring